De geschiedenis van Beerta In de tijd dat ik in Beerta heb gewoond, is het nog een zelfstandige gemeente en dit gaat duren tot 1 januari 1990. Nieuwe Statenzijl, Drieborg, Nieuw Beerta, Oudezijl, Oude Statenzijl, Ulsda en Winschoterzijl vallen dan ook onder die gemeente. Na 1 januari van dat jaar worden de gemeenten Beerta, Finsterwolde en Nieuwe Schans samengevoegd tot de gemeente Reiderland. Anno 2008 duurt het niet meer zo lang of er vindt weer een gemeentelijke herindeling plaats, waarbij Blauwe Stad en Beerta samen met de andere genoemde plaatsen onder de gemeente Winschoten zullen gaan vallen,,,en dan wordt het de gemeente Oldambt.
Foto: Niet met een dragline, geen graafmachine en geen buldozer: puur handwerk was het schoonmaken van het Beertserdiep (het graven trouwens ook).
Beerta is in de periode van ca 500 tot ca 1500, de middeleeuwen dus, een veenontginningsnederzetting geweest en mogelijk ontstaan vanuit Ulsda. De plaats Beerta vinden we voor het eerst terug in schriftelijke bronnen bij een verdrag met het jaartal 1391. Zo wordt Liwert Hayens aldaar hoofdeling te ‘’Berda’’ genoemd. In hetzelfde verdrag wordt de grens beschreven tussen de landschappen Reiderland en Oldambt, waarbij de Tjamme de grens vormt. Dit water vormt ook de grens tussen de bisdommen Münster en Osnabrück, zodat aan de hand van deze beschrijving geconstateerd mag worden dat Beerta in zowel Reiderland als Osnabrück heeft gelegen. De naam kan een vorm zijn van ‘’buurt’’, waar 'buren' of 'boeren' (etymologisch gezien hetzelfde) wonen. De naam van Beerta wordt in wetenschappelijke geschriften nogal eens verward met Utbeerte, dat een voormalig eiland in de Dollard is geweest, Uiterburen (onder Zuidbroek) en Berethe (in Oost-Friesland). Zo zou er in de middeleeuwen in Beerta een klooster hebben gestaan. Deze mythe berust echter op een hardnekkig misverstand. Zo is er het klooster ‘’Berethe’’ of Barthe, dat in Oost-Friesland heeft gelegen. De ontdekking van fundamenten in Ulsda en Beerta in de 19e eeuw leidt tot wilde speculaties van twee kloosters in beide dorpen. In 1855 wordt de mythe alweer ongedaan gemaakt, maar desondanks komt men deze tot op heden steeds weer tegen. De enige verbintenis met een klooster is de boerderij Kloostergare, een voorwerk van het klooster van Heiligerlee. Deze uit 1797 stammende boerderij is inmiddels afgebroken en weer opgebouwd in het Openluchtmuseum in Arnhem.
In het dorp Beerta heeft tot aan het eind van de 15e eeuw mogelijk niet meer dan een kapel gestaan. In oude schriftelijke bronnen is hier sprake van, echter zonder nauwkeurige datering en plaats. In de 15e eeuw is de oostelijke arm van de Dollard ontstaan en moeten verschillende nederzettingen naar hogergelegen plaatsen verplaatst worden. Na de verplaatsing van de kerk van Ulsda naar Beerta, die voltooid wordt rond 1500, wordt nog lange tijd het zegel van Ulsda in Beerta gebruikt. De pastor noemde zich dan ook pastor van Ulsda en vicaris van Beerta. De toentertijd gebouwde kerk staat er nog steeds. De patroonheilige van de kerk van Ulsda, de heilige Laurentius, is vervolgens in het kerspelzegel van Beerta opgenomen en daarna in het gemeentewapen van Beerta. Na de eerste overstromingen wordt geleidelijk aan het land weer ingepolderd en draagt het gebied tot in de 20e eeuw een hoofdzakelijk agrarisch karakter.
Foto: De Nederlands Hervormde kerk van Beerta heeft een losstaande toren die op deze foto niet is te zien.
Bij de gemeentelijke indelingen van het napoleontische Koninkrijk Holland van 31 mei 1808 worden de dorpen Beerta, Nieuw-Beerta en Finsterwolde samengevoegd tot de gemeente Beerta, als uitvloeisel van de eerste Nederlandse Gemeentewet van 1807. Nadat Holland is geannexeerd in 1810, wordt Finsterwolde in 1811 een afzonderlijke gemeente. De gehele 19e eeuw en het grootste deel van de 20e eeuw is in Beerta de landbouw overheersend geweest.
Het communisme en Beerta
Foto: Dit is de eerste zelfbedieningszaak in Beerta; de winkel van Klaas van Delden aan de Hoofdstraat
De opkomst van het communisme in Beerta is te verklaren door de vergrote economische afstand die aan het eind van de 19e eeuw al is ontstaan tussen landbouwers en boerenarbeiders. Deze afstand leidt uiteindelijk tot verharde tegenstellingen, gevoed door de ideologie van socialisme en anarchisme. In 1918 worden de ontwikkelingen gevolgd van de gebeurtenissen in Duitsland, waar de rode vlaggen al aan de grens zijn gehesen. Later is er de oriëntatie op de Sovjet-Unie, dat na 1941 aan de kant van Geallieerden is gekomen, maar na 1947 in een ander daglicht komt te staan. In de jaren vijftig is er al een communistische meerderheid in de gemeenteraad, net als in de gemeente Finsterwolde. Dit is destijds voor de regering aanleiding om de gemeenteraad buiten werking te stellen en te vervangen door een "regeringscommissaris", zoals de Grondwet dat mogelijk maakt bij "ernstige verwaarlozing van de autonomie". Blijkbaar is het feit van de communistische meerderheid in de gemeenteraad daarvoor voldoende. In Beerta en Finsterwolde is dat in die tijd ook jaren het geval geweest, de burgemeester, toen nog een niet-communist, neemt de taken van de gemeenteraad en het college van B & W waar. Men moet dit echter wel zien in het licht van de internationale situatie, met zijn Koude Oorlog en de overweldiging van Hongarije door de Sovjet-Unie in 1956, waarvan de Nederlandse communisten geen afstand willen nemen. In de jaren tachtig is Beerta de enige gemeente in Nederland met een communistische burgemeester, Hanneke Jagersma.
Foto's van Beerta ....
Foto boven: De OLS in Beerta West. Het gebouw staat er nog steeds, maar wordt niet meer gebruikt als school. De kleuterschool is in die tijd gehuisvest in een kerkje aan een laantje, aan dezelfde kant van de straat als waar de OLS staat.
Foto boven: Beersterhoogen. Helemaal links het (tram)huis waar mijn grootouders enige tijd hebben gewoond met rechts daarvan de boerderij van Ten Have. Zowel het huis als de boerderij staan er anno 2008 nog steeds. Op de achterkant van deze oude anzichtkaart staat 'Tramweg'.
Foto boven: Deze foto is op dezelfde plaats genomen als de foto erboven, maar dan vanuit een andere hoek. Helemaal rechts zien we het tramhuis weer. Achter de bomen rechts staat de boerderij van Muntinga (niet zichtbaar) en als je goed kijkt kun je op de voorgrond en helemaal links de tramrails zien liggen. Het huis waar de mensen voor staan, staat er ook nog steeds. Mijn oom en tante en mijn grootouders hebben er ondermeer gewoond. Deze foto op de anzichtkaart is destijds uitgegeven door J. Bakker uit Drieborg die daar een (toneel)uitgeverij had.
Foto boven: Wie kan vertellen waar deze foto precies is gemaakt? We zien ook hier de tramrails nog liggen. Volgens mijn nicht Els Jongstra - Wesselink is de foto gemaakt vanuit de hoek Wilhelminaplein/Oudeweg en was in het huis links een machinebedrijf gevestigd van de firma Hut. Zij hadden een dochter die niet zo oud was als Els en samen gingen ze naar dezelfde school. Betreffende dochter mocht van haar ouders alleen omgang hebben met kinderen uit hetzelfde boerenmilieu.
Foto boven: Beerta, Westeind.
Foto boven: Beerta, Westeind.
Foto boven: Beerta, Oosteind.
Foto boven: Beerta, Westeind.
Foto boven (straatfotograaf): In dit (arbeiders)huisje (ca 1955) van boer Everhardus Muntinga hebben wij (Geertje de Vries, Eggo Hillinga en Harm) gewoond. Het is aan dezelfde straat als op de foto's verder naar boven, maar nu heet het de Oudeweg. Achter het huis loopt het 'diep'. Het huisje is inmiddels afgebroken en er staan alleen nog een paar bomen (2011).
Foto boven: De boerderij van Everhardus Muntinga aan de Oude Weg. Het voor bevindt zich hierop nog in de oude staat en wordt bewoond. Het is helaas afgebroken. .
Foto boven: Oogsten in Beerta. Eggo Hillinga staat achter op de wagen en Danhuis zit op de trekker.
Foto boven: Beerta, Hoofdstraat, met links de voormalige woning van de burgemeester.
Foto boven: Info Anneke Visscher-Doeven (20 mei 2012): "Volgens mij is de foto genomen vanaf de Toren en laat de Veenweg (re) en Torenstraat (li) zien. Ik woonde in Beerta vanaf 1968 tot ong. 1977. De woning in de voorgrond is waar de kapper woonde en werkte. Deze kapper (Kapper van Dam??) is jarenlang lid geweest van Beerta's Fanfare Orkest. Volgens mij speelde hij de bas. Mijn moeder, zus, broer en ik speelden ook in dat orkest. Ik ben dochter van Andries Doeven. Mijn ouders hadden een fietsenwinkel en verkochten daarnaast allerlei huishoudelijke artikelen aan de Hoofdstr. 207. Onze overbuurman was meester Postema. Ik heb hem leren kennen als een vriendelijke buurman die regelmatig met mijn vader een praatje maakte. Maar ook heb ik wel eens verhalen gehoord over het trekken aan oren. Ik heb nooit bij hem in de klas gezeten, wel bij meester Koning die aan het Wilhelminaplein woonde en die ook in de fanfare speelde. Het staat mij bij dat hij een tijd voorzitter is geweest". Vóór 1968 woonde aan de Hoofdstr. 207 Aukes. Hij had daar een fietsen- en brommerwinkel. Toen we in Nieuwe Statenzijl woonde liet ik daar mijn fiets maken en in 1963 kocht vader Eggo Hillinga er twee brommers. Ik werd toen 16 jaar. Vader koos voor een Batavus en ik voor een Zündapp, omdat veel jongens in die tijd óf een Zündapp óf een Kreidler hadden. Aan de Hoofdstr. 270 is anno 2012 een rijschool gevestigd. In het huis op de voorgrond heeft overigens ook een kapper De Vries gewoond en gewerkt, familie van mijn moeder Geertje Hillinga - De Vries.
Foto boven: Beerta, Hoofdstraat.
Foto boven: De Nederl. Herv. Kerk van Beerta in de tegenwoordige staat (2008)met rechts de losstaande toren.
3. De Huningaheerd -2-
Bronnen: |
| |||||||||


















