Kornelis ter Loan

Aardrijkskundig woordenboek van Nederland door K. ter Laan, tweede druk, Den Haag 1948 Batavia. G.B. van Goor en Zonen, uitg. maatschappij N.V. Bij het zoeken op internet naar betekenissen van bepaalde woorden die voorkomen in de verhalen op NazatenDeVries, vind ik genoemd boek van K. ter Laan bij een particulier. Een paar dagen later ligt het voor me op het buro.

 

K. ter Laan

(roepnaam: Kees, later Klaas), SDAP-Kamerlid en eerste SDAP-burgemeester, is geboren te Slochteren op 8 juli 1871 en overleden te Utrecht op 6 maart 1963. Hij is de zoon van Remko ter Laan, kleine landbouwer, en Metje Buurman. Hij is een broer van Jan ter Laan. Op 27 april 1895 treedt hij in het huwelijk met Ida Groen, met wie hij een dochter en twee zoons krijgt.

Al jong komt Ter Laan in aanraking met de ellende onder landarbeiders en kleine boeren in zijn verarmde geboortestreek. Hij bezoekt de Franse school in Hoogezand en de HBS te Sappemeer, waar hij in contact komt met socialistische fabrieksarbeiders. Hij leest Multatuli, wordt geheelonthouder en hoort Domela Nieuwenhuis, Tj. Luitjes en A.H. Gerhard spreken. Wegens geldgebrek thuis wordt hij na het volgen van normaallessen onderwijzer te Noordbroek, daarna te Sappemeer (1889). Na zijn diensttijd te Groningen is hij in het onderwijs werkzaam te Appingedam (1892), Dordrecht (1893) en Arnhem (1894).

Sinds 1892 is hij lid van de Sociaal-Democratische Onderwijzers Vereeniging (SDOV). Hij richt in Appingedam een vóóruitstrevende krant op, is lid van de SociaalDemocratische Bond (SDB), maar bedankt als de partij een anti-parlementaire koers kiest. Ter Laan raakt in de ban van de internationale Vrijlandbeweging, die in Kenia een socialistische kolonie wil stichten. Met H. Groustra, onderwijzer te Schildwolde, geeft hij het blad Vrijland uit. Hij richt een Arnhemse afdeling op en vertaalt in 1895 het lijfboek van de beweging, Th. Hertzka's Freiland. Ein Zukunftsbild. In 1895 wordt hij schoolhoofd te Sluis, in 1898 te Delft. Inmiddels getrouwd heeft hij de opvoeding van twee broers en een zuster op zich genomen. In Delft wordt hij, behalve van De Dageraad, vermoedelijk ook lid van de Socialistenbond. In april 1900, drie maanden eerder dan de afdeling Delft van de Socialistenbond, treedt hij tot de SDAP toe. Men kent hem volgens Henri Polak al als 'een oude strijder in de arbeidersbeweging en een bekende kracht in de onderwijzersbeweging'. In 1897 is Ter Laan lid van de Sociaal-Liberale partij, de politieke tak van de Vrijlandbeweging. Tijdens het kroningsfeest van Wilhelmina in september 1898 bestormen Oranjeklanten Ter Laan's woning en richten vernielingen aan. Hij ontvlucht dan met zijn gezin Delft. In 1901 stelt hij zich, gesteund door de volkskiesvereniging te Hoogezand, kandidaat voor de Tweede Kamer in dit district, waartoe ook zijn geboortestreek behoort. Het SDAP partijbestuur weigert hem aanvankelijk steun, vanwege zijn onbekendheid in de partij. Door verbondenheid met de streek en een anti-militaristische stellingname weet hij de stemmen zowel van de plattelandsbevolking als van de kiezers in het anarchistisch gezinde Hoogezand-Sappemeer te winnen. Aanvankelijk als jongste Kamerlid wordt Ter Laan secretaris van de SDAP-Kamerfractie en woordvoerder voor onderwijs (tot 1918) en militaire zaken. Ook houdt hij zich bezig met ambtenarenpensioenen, drankbestrijding en zaken betreffende gemeentebestuur. Buiten de Kamer zet hij zich in voor de Bond van Miliciens en Oud-Miliciens, als secretaris van de afdeling Den Haag, waar hij sinds 1902 woont, en als redacteur van De Milicien (1903-1907). Pogingen om de situatie van dienstplichtigen te verbeteren stuiten echter af op onwil van de rechtse partijen.

In 1905 wordt Ter Laan als eerste socialist in de Haagse gemeenteraad gekozen. Zijn inzet en werkkracht vinden er grote waardering. Als hij het district Hoogezand in 1909 verliest, kan hij dankzij Den Haag I zijn Kamerzetel behouden. Vanwege zijn bestuurlijke kwaliteiten benoemt minister Cort van der Linden hem in 1914 tot eerste socialistische burgemeester in Nederland in het rode Zaandam. Van burgerlijke zijde ondervindt deze benoeming kritiek, vooral nadat Ter Laan stelling neemt ten gunste van stakende houtbewerkers, het vlaggen bij verjaardagen van het Oranjehuis afschaft en het niet zo nauw neemt met het handhaven van de zondagsrust. Zijn optreden dwingt anderzijds de SDAP-wethouders tot gematigdheid. Als Kamerlid blijft Ter Laan een belangrijke rol op de achtergrond spelen. Hij krijgt zitting in de Legercommissie (1913), in de voor de afloop van de schoolstrijd belangrijke Bevredigingscommissie (1914) en is voorzitter van de Commissie van Toezicht op de Staatsdrukkerij (1911-1946). Met zijn rede 'Ontwapening' opent hij de Campagne voor Nationale Ontwapening, die SDAP en NVV vanaf 1925 voeren. Hij is voorzitter van de gezamenlijke Commissie tot Onderzoek van het Militaire Vraagstuk en redigeert het eindrapport, dat resulteert in een wetsontwerp. Ook dient hij wetsontwerpen in met betrekking tot de leerplichtwet (1911, 1933) en de staatsloterijen (1933). Als de SDAP-fractie besluit dat hij vanwege zijn leeftijd in 1937 moet aftreden als Kamerlid, moet hij constateren dat zijn wetsontwerp voor steun aan door de oorlog getroffen oud-soldaten opnieuw wordt verworpen.

Na zijn pensionering wijdt hij zich vanuit zijn nieuwe woonplaats Wassenaar volledig aan de Groninger beweging. Vanaf 1902 is hij wetenswaardigheden over zijn geboortestreek gaan verzamelen. Het eerste resultaat, het Nieuw Groninger Woordenboek (1929), rondt hij in 1922 af. Maar liefst een vijftigtal werken van wisselende kwaliteit op taalkundig, volkskundig en letterkundig gebied volgen, zowel over Groningen als over Nederland als geheel. Hij wordt voorzitter van de Algemeene Vereeniging 'Grönnen' en redacteur van Dörp en Stad. Soms krijgt hij kritiek, zoals van de communiste Roosje Vos, die in 1923 meent 'dat een leider van de sociaaldemocratische beweging zijn tijd beter heeft kunnen besteden in het belang van de arbeidersklasse'. Binnen de Groninger beweging, waarin hij tot op hoge leeftijd actief is, wordt hij echter vereerd. Hij is ook erelid van het Multatuli-Genootschap en het Nederlands Volkskundig Genootschap.

Ter Laans optreden kenmerkte zich door een sterke zin voor het detail, het concrete en het persoonlijke. Hij is een harde werker, geen man van grote ideeën. De gortdroge parlementariër is echter tevens een vlammend redenaar en een begaafd verteller. Zijn socialistische overtuiging is in de eerste plaats gevoelsmatig. Zijn oorspronkelijke antimilitarisme, antimonarchisme en anticlericalisme worden later flink afgezwakt. Vooral zijn warme persoonlijke inzet als 'vader van de soldaten', 'burgervader' en 'vader' van de Groninger beweging maakt op tijdgenoten indruk.

In 't Grunneger toal wieder
Ter Loan is op 8 juli 1871 as zeun van n landbaauwer geboren in Slochter.
Hai stamde van voaders- en moekeskant van boeren of, maar zol zulf gain boer worden, omdat zien voader inzag dat der veur n klaaine boer gain dreug brood meer te verdainen was.

Omdat de jonge Knelis goud leren kon, gong hai noa de legere schoul nog twij joar noar de Franse schoul op t Hoogezaand en doarna drij joar noar de H.B.S. in Sapmeer. Dou der gain geld meer was veur verdere studie wuir hai leerling van de normoalschoul.

Op zien achttiende joar ston hai in Sapmeer veur de klas, doarnoa nog in n Daam, Dordrecht, Arnhem en in Sluus. Veurdat hai noar Sluus gong, traauwde hai mit Ida Gruin. In 1898 wuir hai hoofd van n school in Delft en boetendes directeur van de gemaintelke handelskursus.

As jong al haar hai n open oog had veur de materiële en geestelke nood van de aarbaiders. Domela Nieuwenhuis en A. H. Gerhard leerden hom t socialisme kennen, en op zien ainentwintegste joar huil de jonge onderwiezer veur t onderwiezersgezelschap van Loppersum zien eerste socialistische rede. Hai wuir lid van de olle Socioal Democroatische Bond, mor hai bedankte doarveur weer toun dizze in 1894 de revolutionaire weg insluig. Toun hai bie de kronensfeesten in september 1898 waaigerde te vlaggen, beklodderden de Delftenoaren zien haile hoes mit oranje vaarve. t Dee hom nait wankeln in zien socialistische overtugen, mor de goie verstandhollen mit de leerlingen en heur olders lee der ook nait onder.
Vanof 1900 was e lid van de SDAP (veurloper van PvdA). Alhouwel hai mit haart en ziel onderwiezer was, zol al gaauw n ende kommen aan zien onrustege onderwiezersloopboan. Op zien daategste joar wuir t jonge schoolhoofd as bie verrazzen Koamerlid. Tot 1937 bleef hai in Twijde Koamer, woar hai zuch onder andern op t terraain van onderwies, militaire zoaken en drankbestrieden begaf. Van 1914 tot 1937 was hai ook börgmeester van Zaandam, en doarmit eerste socialist in dij funktie.

t Bouk, woardeur zien noam t langst heugen blieven zel, is zunder twievel t 'Nieuw Groninger woordenboek' (1929). Hai het der, deurbaauwend op t woordenbouk van Molemoa, meer as n kwart-aiw aan waarkt.
Dou hai kopij in 1922 aan pervìnzie Grunnen aanbood, onder veurwoarde dat t bouk binnen twij joar drukt weden zol, luiten de Pervinsioale Stoaten zuch de ainmoalege kans van n kulturele doad ontgoan deur t veurstel van Gedeputeerden, n subsidie van f 1500,-- te verlainen, nait aan te nemen.

Ter Loan was der noatuurlek de man nait noar om zuch doardeur ontmoudegen te loaten; in n poar doage tied haar e zulf t geld biemekoar.

De vermelding over zichzelf in het woordenboek.

 

Toun sikkom n kwart-aiw dernoa n twijde druk oetkwam, haren de Pervinsioale Stoaten gelokkeg wel n subsidie geven. Minder goud sloagd was de bewaarken dij Ter Loan op dizze herdruk doan haar.
Wel binnen der in dizze twijde druk wat woorden biekommen, mor de spellen was slim verainvoudegd en aal diakritische taikens waren wegwaarkt.

Dizze drastische ingreep het t waitenschappelk karakter van dit woordenbouk schoad. Haar Ter Loan, veurdat hai doartou overging t advies van deskundige dialektologen inwonnen, den zollen dij hom dit zunder ainege twievel ontroaden hebben. Mor n zekere aigenhereghaid was aan dizze Grunneger nou ainmaal nait vrumd en van dizze aigenschap is zien woordenbouk t slachtovver worden. Gelokkeg blift de oorspronkelke oetgoave t duurzoamste monument dat Ter Laan zuchzulf opricht het.

Haar hai nooit wat aans schreven en nooit wat aans tot stand brocht den dit bouk, den zol men allend op dij grond al van n welbesteed leven spreken kennen.

Knelis ter Loan is overleden in Utrecht op 6 maart 1963.

Ter Loan het zoveul in en over t Grunnegs schreven dat t opsommen der van n te groot dail van dizze bladziede in beslag nemen zol, doarom kenje hier n lieste der van zain.

Knelis ter Loan. Lieste van zien geschriften:
1924 (Met G. W. Spitzen en G. Stel) Laandjebloumen. Bloemlezing uit de letterkundige voortbrengselen in de Groninger volkstaal. Groningen, 1924.
De riekdom van de Grunneger toal. Groningen, 1924.
1928 Groninger overleveringen. (I). Zutphen, 1928. 2de druk. Zutphen, 1930.
1929 Nieuw Groninger woordenboek. Groningen enz., 1929. 2de druk. Groningen, 1952.
1930 Groninger overleveringen. II. Groningen, 1930.
E. J. Huizenga-Onnekes, Groninger volksverhalen. Bewerkt door K. ter Laan. Groningen enz., 1930.
1931 Prophecye van Jaarfke, opnieuw met historische toelichting en verklarende aantekeningen in 't licht gegeven. Groningen, 1931. 2de druk. Winschoten, 1963.
1937 Groningen voor honderd jaar: volksverhalen uit de geschriften van die dagen. Groningen, 1937.
(Met J. Barkman en G. R. Jager) Grunneger mollebonen. Leesboekje in de Groninger volkstaal voor school en huis. Zutphen, 1939.
1941 Synco Reynders, Twee berijmde vertellingen. Als een hulde aan de eerste dichter in de Groninger volkstaal opnieuw uitgegeven en van aantekeningen voorzien door A. S. de Blécourt en K. ter Laan. Assen, 1941.
Voorwoord in: J. H. Riddering en C. G. Wolthuis, Lijst van door Groningers geschreven werken... Groningen, 1941.
Fop I. Brouwer, Zwerven door Groningen. Met medewerking van... K. ter Laan. Assen, 1941.
Maark en pit. Stoere woorden in de Grunneger toal. Assen, 1943.
1945 Allerhande. Bekroonde Grönneger veurdrachten, riemsels en verhoaltjes. Deur K. ter Laan, Geert Teis Pzn., Jan Haikens, J. H. Riddering en anderen. Winschoten, 1945.
1947 Humor in Grunnegerlaand. Amsterdam, 1947.
1948 Voorwoord in: J. A. Fijn van Draat, Oelnspaigel in 't Grunnegers. Groningen, 1948.
1949 De boer in de Groninger letteren. Amsterdam, 1949.
Groningen voor een eeuw. Uit Groningens verleden, geschreven voor het heden. Assen, 1949.
Middeleeuwse legenden uit Groningerland. Amsterdam, 1949.
1951 Grunneger riemkes, taimkes en spreukjes. Winschoten, 1951.
Hoezen van Gruindiek; Grunneger vertelsters oet laankmanstieden. Groningen, 1951.
1953 Proeve van een Groninger spraakkunst. Winschoten, 1953.
1954 Voorwoord in: Simon van Hasselt, Dou de wereld nog mooi was. Noaloaten gedichtjes. Groningen, 1954.
Groninger encyclopedie. I. Groningen, 1954.
1955 Groninger encyclopedie. II. Groningen, 1955.
1957 Et en Fret. Het oudste stuk in Stads-Grunnegers. Met toelichting en aantekeningen. Wildervank, 1957.
1959 Groninger volksleven. I. Verhalende folklore. Groningen, 1959.
1961 Groninger volksleven. II. Beschrijvende folklore. Groningen, 1961.
Folklore in de Groninger letteren. Groningen, 1961.
1962 Geschiedenis van Slochteren. Groningen, 1962.
1963 Schuld. Treurspul in vief bedrieven. (In 't Grunnegers bewaarkt noar Mudder Mews. Platduuts droamoa van Fritz Stavenhagen.1963
Wie hebben hier allend mor dat opnomen wat mit Grunnen of Grunnegs te moaken het.

Encyclopedisch Woordenboek

Afb. boven: K ter Laan is een zeer Groningse schrijver geweest, en niet alleen omdat hij het Groninger Woordenboek heeft geschreven. Deze en volgende maand is er een bescheiden tentoonstelling over K ter Laan ingericht in de Universiteitsbibliotheek in Groningen, en daar is goed te zien hoeveel deze zeer intelligente man geschreven heeft in zijn leven, naast zijn werk als Tweede- Kamerlid en burgemeester van Zaandam (de eerste sociaal-democratische burgemeester in ons land). Behalve het Groninger woordenboek heb ik zelf ook zijn citatenboek Andermans Wijsheid in de kast, en het Encyclopedisch Woordenboek voor Groot-Nederland, waar we hier, met excuses voor de half-vage scan, het voorwoord van laten zien. Wat ook aardig is, is het feit dat hij zichzelf en zijn broer ook een plaats in dat Encylopedisch Woordenboek toebedeelt (Zie afb.).

 

Bronnen:
* Knelis ter Loan (in het Gronings)
* Biografisch Woordenboek van de Socialistische Arbeidersbeweging in Nederland - biografie Ter Laan als politicus
* Kornelis ter Loan: een kritische biografie (in het Gronings)
* Parlement.com - biografie - artikel van zijn jongste kleindochter Stip ter Laan


Aan bovenstaande tekst is de uiterste zorgvuldigheid besteed. Desondanks kunnen er best fouten

voorkomen. Constateer je fouten en/of heb je vragen, correcties, aanvullingen...

geef die dan even aan mij door via mijn E-mail adres.

Hoogeveen, 17 juni 2009
Verhaal: © Harm Hillinga