Grietmannen hebben ooit een overheidsfunctie bekleed. Ze hebben grote macht gehad. Voorheen zijn ze ook met de meervoudsvorm ‘grietsluiden’ aangeduid. Vanzelfsprekend zijn er ook verschillende Friese benamingen. De naam grietman komt van greta, groeten,  in de zin van aanspreken of eisen. Al in de Middeleeuwen, met zekerheid sinds de veertiende eeuw komt deze functie voor. Het is de man die in rechten aanspreekt, de publieke vervolger en aanklager. Tevens is het de persoon geweest die, de bijzitters gehoord hebbend, recht heeft te doen en vonnis te wijzen. Het is de hoogste rechterlijke en burgerlijk administratieve  magistraat[1] in een van de ‘delen’ (de latere grietenijen) van Friesland tussen Lauwers en Vlie. Trouwens ook in West-Groningen, in het Westerkwartier, komt de grietman in vroegere tijden ook voor, nl. in het onderwartier Oostlangewoldsteradeel (Oosterdeel - Langewold). Berucht is daar grietman Rudolf de Mepsche uit Faan[2], die o.a. door wurging, voorafgegaan door het blakeren van de gezichten, en verbranding van de lichamen op 24 september 1731 21 mannen en jongens ter dood laat brengen wegens sodomie oftewel homoseksualiteit.
Afb.: Geen afbeelding van Rudolph de Mepsche van Faan beschikbaar..

 

Opmerking:
o.a. onder toegangsnummer 735 zijn de Gerechten in het Westerkwartier van 1600-1811 gearchiveerd bij het Historisch Regionaal Historisch Centrum Groninger Archieven, inv. nr. 01 t/m 404. Daarin worden veel namen van grietmannen genoemd, waaronder Melchior Willem de Raadt, grietman van Westerdeel. En bijvoorbeeld van 16 januari 1750 tot 6 mei 1776: "De akten zijn verleden voor Hermannus Werumeus, 16 januari 1750 - 24 augustus 1758, Lambertus Fruytier, 18 oktober 1759 - 25 oktober 1764 en 20 juni 1765 - 6 mei 1776 en Theodorus Brunsvelt van Hulten, 31 januari 1765 - 23 april 1765. Allen als grietman van Oosterdeel - Langewold. De meeste akten zijn opgemaakt in Groningen en Noord- en Zuidhorn, maar er zijn ook akten opgemaakt in: Kolham, Kropswolde, Martenshoek en Westerbroek. Zie voor minuten van akten uit 1757, verleden voor Hermannus Werumeus, als grietman van Ooster- en Westerdeel - Langewold, ook inventarisnummer 77."


Vervolg
Het is meer dan waarschijnlijk dat de grietman oorspronkelijk gekozen is door de gezamenlijke inwoners van het gebied, de grietenij. Het grietmansambt en het recht daarop bestaan sinds de dertiende eeuw als in de staatkundige eenheden delen werden gevormd. In 1795 beëindigt het Franse bestuur de oude bestuurlijke gang van zaken en komt er een einde aan hun functie. Ze worden vervangen door baljuws en schouten. In 1816 wordt de omwenteling van 1795 te niet gedaan en de oude toestand echter weer hersteld. Het grietenijbestuur heeft bestaan uit een grietman met twee of drie assessoren[3] en drie tot vijf leden die tezamen de grietenijraad vormen, aan wie een secretaris of schrijver is toegevoegd en een ontvanger-generaal en per dorp, onder de grietenij vallend, een dorpsontvanger.

Het Koninklijk besluit van 23 juli 1825 licht zijn functie toe. Zijn zorg strekt zich verder o.a. uit over de stookplaatsen, brandspuiten, gezondheid, ziekten, broodzetting[4], maten en gewichten en schouwen van wegen, straten, vaarten enz.

Met de invoering van de Gemeentewet in 1851 verdwijnt de grietmansfunctie en worden de benamingen grietman, assessoren en grietenij vervangen door burgemeester, wethouders en gemeente.

In de loop van de tijd wisselt de inhoud van hun functie. Aanvankelijk is de criminele en civiele justitie in de grietmannen verenigd, maar de eerst gemelde functie hebben zij in 1545 al verloren, als deze aan het Hof gekomen is. Zij gaven de consenten[5] op verkopingen en voeren met de mederechters het hoogste gerecht. Zij zijn tevens leden van de Staatsvergadering. In 1598 zijn er pogingen gedaan om hen van de Landdag te weren. Zij mogen gedurende de waarneming van het grietmansambt geen andere vaste bedieningen bekleden.

Vereisten om grietman te worden
Vaak zijn de grietmannen van adel geweest. Men moet geërfd hebben en jaarlijks 18 tot 20 goudgulden aan renten hebben. Eerder is dat op 50 bepaald. Zij moeten tenminste 20 jaar oud zijn. Ingevolge een besluit van de keizer uit het jaar 1539 moeten zij borg stellen. Dit omdat zij de ontvangsten van de belastingen bewerkstelligen.

Nieuwe wijze van benoeming
De verkiezingen geschieden van oudsher door de gemeente. Onder Albertus, de hertog van Saksen (1443-1500), is de benoeming aan de hertog gekomen. Onder Karel V 1500-1558) hebben enige personen van de Bourgondische partij van de keizer het recht verworven dat zij een nominatie van drie aan de keizer zullen voorleggen waaruit hij één tot grietman zal kiezen (1581). Als de Geldersen verdreven zijn, heeft de keizer de benoeming aan zich gehouden.


In het jaar 1539 is het recht begeven aan de stadhouder en het hof alhoewel de keizer het recht van aanstelling aan zich heeft behouden. Onder Philips schijnt de stadhouder dit alleen te hebben gedaan, zoals blijkt uit de verzoeken van de jaren 1576 en 1577 aan de Staten-Generaal te Brussel gedaan. In het jaar 1578 is dit recht weerom aan de gemeente geweest, welke rechten van nominatie de 22e februari 1581, bij uitsluiting van het hof, aan de stadhouder, met advies van gedeputeerden, is toegekend. Bij de provisionele instructie van Willem I, de eerste april 1581, is het hof in het oud recht hersteld. In het jaar 1600 is een resolutie aangenomen, waarin bepaald wordt dat de keuze alleen bij de gouverneur en de gedeputeerden te plattelande, zonder dat de gedeputeerden bij de steden geordonneerd (bepaald, aangewezen), daarover zullen mogen communiceren, adviseren of stemmen, zullen berusten. In het jaar 1672 heeft men wederom getracht dit bij de stadhouder onder te brengen. In het jaar 1673 is het wederom, op de oude voet aan de stadhouder en gedeputeerden gekomen, en bij de resolutie van 19 mei 1748 is aan de stadhouder alleen de benoeming overgelaten.


Betekenis van de woorden grietman, griffie en grietenij

Tot op de omwenteling van 1795 betekent het woord ‘vereniging van dorpen met hun ‘aanhorigheden’, die gezamenlijk onder een grietman staan; ‘het grondgebied, waarover het rechterlijk en administratief gebied van een grietman zich uitstrekt.’ Van 1815 tot op de invoering der Gemeentewet in 1851 is het de naam voor een Friese landgemeente. Van het begin van de 16e eeuw tot 1851 zijn er in Friesland 30 grietenijen geweest die deel uit hebben gemaakt van de Friese kwartieren (regio's) Oostergo, Westergo en Zevenwouden. De grietenij Achtkarspelen heeft oorspronkelijk meer op zichzelf gestaan en wordt in oude oorkonden naast Oostergo en Westergo genoemd.[6]


Betekenis van de naam ‘Grietman’
Het eerste gedeelte van dit woord is de stam van het Oudfriese ‘greta’, ‘ons groeten’, maar in de zin van ‘ontbieden, in rechte aanspreken.’ Grietman is dus de man, die in rechte aanspreekt, de publieke aanklager, metterdaad is hij ook de man, die, bijzitters gehoord, recht heeft te doen en vonnis te wijzen.


In de middeleeuwen (sedert de 14de eeuw) en tot aan 1795 is de grietman de hoogste rechterlijke en burgerlijk-administratieve magistraatspersoon tussen de Lauwers en het Vlie. Van 1815, als de aloude verdeling van het platteland van Friesland in grietenijen, die door de omwenteling van 1795 te niet gedaan is, weer hersteld wordt, tot op de invoering der Gemeentewet in 1853, is grietman de titel van het hoofd van een Friese landsgemeente[7].

 

Griffie
Dit woord, gevormd van het Grieks-Latijnse ‘graphium’ betekent oorspronkelijk ‘schrijfstift.’ Bij overdracht heeft het de betekenis verkregen van ‘vertrek, waarin geschreven wordt’; in het bijzonder die van ‘secretarie.’ De overgang van betekenis[8].


Grietenij
Oorspronkelijk het Friese woord ‘gretene, gretane’, ‘rechtspraak, rechtsgebied’ (een op in 't Fries niet ongewone wijze gevormde afleiding van het Oostfriese werkwoord ‘greta’; maar ten opzichte van uitspraak en accent onder invloed of naar het voorbeeld van Romaanse of geromaniseerde woorden, als ‘ammanie’, ‘baronie’, ‘dekenie’ (die eveneens een rechts- of een grondgebied betekenen) gewijzigd. Een soortgelijk voorbeeld van vormverandering is ook het nieuw Nederlandse ‘woestenij’, vergeleken met het Middelnederlands ‘woestene’. Met enige zekerheid kan men zeggen, dat grietenie (-ye, -ije) sindst het laatst van de 15de eeuw in, niet in de Friese landstaal opgestelde stukken,  in gebruik is gekomen en later ook in Friese oorkonden gebezigd wordt[9].

 

 

Lees meer:
- Jonkerspraktijken. De Mepsche van Faan (1700-1750).
- Rudolf de Mepsche op Wikipedia.
- Grietman op Wikipedia: Klik hier.
- Grietenij op Wikipedia: Klik hier.

 

 

Noten, bronnen en referenties:

1 Een magistraat is in principe iedereen die is verkozen of benoemd in een openbaar bestuursambt, het begrip stamt uit de antieke Romeinse republiek. In de praktijk wordt de term in Nederland tegenwoordig alleen nog gebruikt bij de rechterlijke macht en bij burgemeesters.

2 Rudolf de Mepsche (ook genoemd: De Mepsche van Faan) (gedoopt 15 maart 1695 - Wedderborg, december 1754) is een Groninger jonker geweest. Hij is heer van Faan in het Westerkwartier van Groningen en later ook drost van Westerwolde. Hij is vooral bekend geworden vanwege de aanklachten wegens sodomie tegen een grote groep mannen in zijn rechtsgebied.

3 Een assessor is letterlijk een helper of bijzitter, met verschillende betekenissen afhankelijk van de context: tegenwoordig een lid van een faculteitsbestuur die studentenbelangen behartigt, een beoordelaar van kwalificaties of diploma's tijdens een assessment, een lid van een gerechtelijke vergadering, of een studentenlid van een vereniging of bestuur.

4 Bepaling van overheidswege van een maximum van de broodprijzen.

5 "Consenten" is een werkwoord afkomstig van het Engelse woord "consent", wat toestemming of instemming betekent. In de context van seksuele interacties betekent het dat beide partijen wederzijds instemmen met de handelingen die plaatsvinden, zonder dwang. Het woord kan echter ook breder gebruikt worden voor goedkeuring of het geven van een vergunning, zoals in marketing of bij het bezit van wapens.

6 Grietmannen achtkarspelen. html.binnenbuitenpost.nl. Geraadpleegd op 7 januari 2024.

7 A.M. Molenaar Noord en Zuid. Jaargang 18, (1895) (Tijdschrift) Noord en Zuid.

8 A.M. Molenaar Noord en Zuid. Jaargang 18, (1895) (Tijdschrift) Noord en Zuid.

9 A.M. Molenaar Noord en Zuid. Jaargang 18, (1895) (Tijdschrift) Noord en Zuid.

 

Gebruikte bronnen, referenties, literatuur, o.a.:
- Nederlandsch Magazijn (ter verspreiding van algemene en nuttige kundigheden, 1837, pag. 37,38, 130.
- De grietmannen in Friesland, uitg. W. Eekhoff te Leeuwarden, nov. 1848.

 


Deze pagina maakt deel uit van www.nazatendevries.nl. Aan bovenstaande tekst is de uiterste zorgvuldigheid besteed. Desondanks kunnen er best fouten voorkomen. Constateer je fouten en/of heb je vragen, correcties, aanvullingen......... geef die dan even aan mij door via mijn E-mail adres (zie rode balk boven). Wij hebben ons uiterste best gedaan om de auteurs van teksten/citaten en copyrightbepalingen van afbeeldingen te achterhalen. Mocht je rechthebbende zijn en hierover vragen of opmerkingen hebben, neem dan contact op via e-mail. Lees ook de 'Disclaimer' en 'Privacy' voor méér informatie en laat ook eens een bericht achter in het Gastenboek, dan weet ik waarvoor ik het doe.

Hoogeveen, 13 december 2025.
Samenstelling: © Harm Hillinga.
Klik hier om naar het menu ARTIKELS te gaan.
Klik hier om terug te gaan naar de HOMEPAGE.
Top