De oudste Van Giffens - in directe lijn teruggaand tot circa 1570 - hebben allen een academische opleiding genoten. Daaraan komt abrupt een einde na het overlijden van Lucas van Giffen, die heeft geleefd van 1634 tot 1680. Deze Lucas studeert aanvankelijk in Groningen, later in Leiden. Hij promoveert in Leiden op een stellingendissertatie. In zijn tijd is hij een gezien advocaat en rechter. Toch heeft hij het vermoedelijk niet breed gehad, want volgens zijn eigen aantekeningen houdt hij kostgangers.


Hij is getrouwd met Margaretha (Grietje) Broijls (1639-1679). Dit echtpaar krijgt zeven kinderen, waarvan er vijf al heel jong overlijden. Het vierde kind heet Anna (1672-1723) en trouwt met Gerardus Busz (1664-1713), predikant achtereenvolgens te Uitwierde en te Stitswerd. Hun zoon Henricus (1694-1729) is eveneens predikant geweest. Het jongste kind, het tweede dat langere tijd blijft leven, is Lambertus van Giffen (1679-1738). Hij oefent een heel ander beroep uit dan zijn voorouders.

 

Zilveren theepot, Jan van Giffen, Groningen, 18e eeuw, 1770 Een zilveren theepot, gedreven met bloemranken en voluten, de duimrust met een vrouwenkopje. Gekeurd met het meesterteken van Jan van Giffen (als zilversmid werkzaam te Groningen 1766-1786). Tevens gekeurd met het 19-eeuwse herkeur 'dolfijntje'. Hoogte 167 mm, breedte 203 mm. Gewicht 354 gram.

Zilveren theepot, Jan van Giffen, Groningen, 18e eeuw, 1770. Een zilveren theepot, gedreven met bloemranken en voluten, de duimrust met een vrouwenkopje. Gekeurd met het meesterteken van Jan van Giffen (als zilversmid werkzaam te Groningen 1766-1786). Tevens gekeurd met het 19-eeuwse herkeur 'dolfijntje'. Hoogte 167 mm, breedte 203 mm. Gewicht 354 gram.

 

Geen academisch beroep, maar handwerk
Lambertus van Giffen wordt goud en zilversmid. Een vak dat overigens in die tijd een hoog aanzien geniet. Op zestienjarige leeftijd wordt hij leerling, in 1703 gezel en in 1705 meester.
Hij schijnt zijn vak goed verstaan te hebben, want van de stad Groningen krijgt hij verschillende opdrachten, zoals in 1735 het maken van twee zilveren bekers. Twee zoons bekwamen zich eveneens in dit vak en zetten het werk van hun vader voort.


Dat zijn Lucas van Giffen (1714- 1758) en Johannes van Giffen (1725- 1782). Ook later hebben nog verschillende naamgenoten dit vak in Groningen beoefend.


De laatste is Hendrik Willem van Giffen (1776-1854)[1] geweest die via zijn dochter Johanna Wilhelmina, de grootvader zal worden van de later zo bekend geworden kunstschilder Hendrik Willem Mesdag (zie foto hieronder).

 

Hendrik Willem Mesdag voor één van zijn schilderijen, 1890-1900. Bron: RACGA Groninger Archieven, Beeldbank Groningen.

Hendrik Willem Mesdag voor één van zijn schilderijen, 1890-1900. Bron: RACGA Groninger Archieven, Beeldbank Groningen.


Curieus mag het ook genoemd worden dat de familie Van Giffen het vak van zilversmid met slechts een korte onderbreking bijna een eeuw lang in hetzelfde pand dat heeft gestaan op de Akerkhof hoek Lutkenieuwstraat bij de Grote Markt in Groningen[2]. De vraag die je blijft beziggehouden is, waarom Lambertus de traditie van de familie niet hoog heeft gehouden en heeft waarom hij voor een andere dan een academische vorming gekozen?

 

Wie het bovenstaande heeft gelezen, zal het mogelijk zijn opgevallen dat Lambertus' moeder Margaretha hem al in zijn geboortejaar (kraambed?) is ontvallen. Zijn vader overlijdt een jaar later. Lambertus en zijn zusje Anna zijn al heel jong wees. Allereerst is nagegaan of is te achterhalen hoe het nu met de opvoeding van deze twee kinderen is gegaan. Het blijkt dat het de familie van de moeder, de familie Broijls, is geweest, die zich over hun lot heeft ontfermd. Immers als voormonders[3] worden in de stukken genoemd Hendrik van Bij Ier en Johan van Sijsen, beiden verwant aan de familie van de moeder.

 

Zilveren tabaksdoos met het oordeel van Paris, Hendrik Willem van Giffen, Groningen, 18e eeuw Dutch silver tobacco box, Groningen, late 18th century. Een zilveren tabaksdoos met op de deksel een gedreven voorstelling van het Oordeel van Paris. Gekeurd met het meesterteken van Hendrik Willem van Giffen (werkzaam in Groningen vanaf 1794). Tevens gekeurd met het 19e-eeuwse herkeur 'dolfijntje'. Afmeting 160 x 54 x 43 mm. Gewicht 241 gram.

Zilveren tabaksdoos met het oordeel van Paris, Hendrik Willem van Giffen, Groningen, 18e eeuw Dutch silver tobacco box, Groningen, late 18th century. Een zilveren tabaksdoos met op de deksel een gedreven voorstelling van het Oordeel van Paris. Gekeurd met het meesterteken van Hendrik Willem van Giffen (werkzaam in Groningen vanaf 1794). Tevens gekeurd met het 19e-eeuwse herkeur 'dolfijntje'. Afmeting 160 x 54 x 43 mm. Gewicht 241 gram.


De eerste, Hendrik (Henricus), predikant te Hoogezand en Kielwindeweer, is een volle neef van de moeder van de beide weesjes, de ander, Johan is getrouwd met Geesje Munningh en dat is weer een nichtje van de moeder van de eerder genoemde Hendrik van Bijler. We mogen die familie (en in het bijzonder de beide voormonders) alsnog dankbaar zijn voor de manier waarop ze zich voor de weesjes hebben ingezet.

 

Aanvankelijk kan worden verondersteld dat Lambertus van Giffen wel in een weeshuis zou zijn opgenomen en dat een opleiding in een handwerk een goedkope en simpele oplossing voor de maatschappelijke voortgang van dit kind zou zijn geweest. Nadere studie van de regels bij het gildewezen maakt duidelijk dat zo'n veronderstelling op drijfzand niet juist is. Om zilver/goudsmid te kunnen worden moet je wel een opleiding binnen het gilde van dit vakgebied volgen. En dat klinkt eenvoudiger dan het is geweest. In die tijd moesten alle leerlingen bij het gilde worden aangemeld. Zo'n registratie dient er voor de opleidingskraan niet te ver open te draaien en op die manier het aantal potentiële concurrenten te beperken.

 

Men houdt er dus een heel duidelijke monopolistische politiek op na. Bovendien is het zo dat weeskinderen eigenlijk alleen maar in aanmerking komen als leerling te worden aangenomen bij minder populaire gilden. Het zilversmedengilde kan zeker niet tot die categorie worden gerekend. Verder is het gebruikelijk dat men gedurende de opleiding voor zo'n opleiding moet betalen. En dat zal voor weeskinderen ook geen haalbare kaart geweest zijn. Zo'n financiële belasting wordt ook gezien als een zeer moeilijke drempel voor de toelating tot het gilde.


Het uiteindelijke doel van de opleiding is de afronding met het afleggen van de meesterproef. Maar ook dat is geen eenvoudige zaak. Aan de opleiding worden hoge eisen gesteld. Kwaliteitsbewaking speelt daarbij een grote rol: de opleiding duurt lang. Lambertus doet daar dan ook zeven jaar over en voor de meesterproef moet vaak een aanzienlijke som geld worden neergelegd. Voor onze vraagstelling is het belangrijk te weten dat de toegang tot een opleiding aanzienlijk vereenvoudigd wordt als je behoort tot een familie waarvan de leden reeds een eigen bedrijf hebben[4].

 

Suikerstrooilepel, Jan van Giffen, Groningen, ca. 1770 Een zilveren lepel om poedersuiker te strooien. Ajour bewerkt en met een steelbekroning in de vorm van een papegaai. Gekeurd met het meesterteken van Jan van Giffen, Groningen (werkzaam 1766-1786) Op stilistische gronden te dateren omstreeks 1770. Lengte 150 mm.

Suikerstrooilepel, Jan van Giffen, Groningen, ca. 1770 Een zilveren lepel om poedersuiker te strooien. Ajour bewerkt en met een steelbekroning in de vorm van een papegaai. Gekeurd met het meesterteken van Jan van Giffen, Groningen (werkzaam 1766-1786) Op stilistische gronden te dateren omstreeks 1770. Lengte 150 mm.


Tegen die achtergrond moeten we vrijwel zeker de toelating tot de zilver en goudsmeden opleiding van Lambertus zien. Zoals wij nu weten, heeft de familie van zijn moeder, de familie Broijls, daarin een belangrijke rol gespeeld. De relatie met de voormonders is al aangeduid, maar belangrijker is het te weten dat in die familie ook bekende zilversmeden in Groningen werkzaam zijn geweest. In de Index Goudsmedengilde (293-1) vinden we dat als de leerling in 1627 vermeld staat als Arnoldus Broijls en in 1694 als Koop Broijls. Daarmee lijkt de cirkel gesloten, al hoewel we nog niet hebben kunnen achterhalen of Lambertus bij een van deze twee zilversmeden ook daadwerkelijk als leerling gefunctioneerd heeft.


Lambertus wordt - en wordt nog steeds - erkend als een belangrijk kunstenaar. Niet alleen krijgt hij van de stad Groningen belangrijke opdrachten, maar ook nu nog treffen we werk van hem aan op belangrijke tentoonstellingen.
Zoals bijvoorbeeld op de tentoonstelling in 1997 in Schoonhoven en - later in dat jaar - in het Groninger Museum onder de titel 'Groninger keur en zilver uit Stad en Ommelanden'.


Tenslotte hebben de voormonders zus Anna goed kunnen uithuwelijken. Zij trouwt, zoals reeds is vermeld, met de predikant ds. Gerardus Busz, een lid van een familie die in Groningen groot aanzien geniet. Het voorgaande heeft geïllustreerd dat er met betrekking tot de beroepsuitoefening van onze voorouders, voorzover ze hun werkzaamheden als lid van een gilde hebben verricht, nog heel wat gezegd kan worden. Leden van het ene gilde geniet meer aanzien dan leden van een ander. Ongetwijfeld houdt dit verband met een uiteenlopende financiële beloning voor de werkzaamheden van de leden van de verschillende gilden.


Het zou leuk zijn als in Ons Erfgoed in de toekomst deze materie eens wat verder zou kunnen uitdiepen. En liefst tegen de achtergrond van de toenmalige kosten van levensonderhoud, zodat we een beter beeld krijgen van het leven van deze voorouders[4].

 

Zilveren brandewijnkom, Lucas van Giffen, Groningen,1762 Silver brandy bowl, Groningen 1762/1763. Een gelobde zilveren brandewijnkom met grepen in de vorm van zeepaardjes. Gemerkt met het meesterteken van de zilversmid Lucas van Giffen (na diens dood gebruikt door zijn broer Lambertus van Giffen) en het Groninger jaarteken van 1762/1763. Hoogte 94 mm, breedte 183 mm.

Zilveren brandewijnkom, Lucas van Giffen, Groningen,1762 Silver brandy bowl, Groningen 1762/1763. Een gelobde zilveren brandewijnkom met grepen in de vorm van zeepaardjes. Gemerkt met het meesterteken van de zilversmid Lucas van Giffen (na diens dood gebruikt door zijn broer Lambertus van Giffen) en het Groninger jaarteken van 1762/1763. Hoogte 94 mm, breedte 183 mm.


Genealogie van Hendrik Willem van Giffen
Het meesterteken van Hendrik Willem van GiffenHendrik Willem van Giffen, geboren bij de Aa-kerk Groningen, gedoopt Der Aa-kerk Groningen 18-02-1776,  overleden Herestraat H311 Groningen 06-03-1854, zoon van Jan van Giffen  (zilversmid) en Henrica Catharina Eyssonius. Afb. links: Het meesterteken van Hendrik Willem van Giffen


Hendrik wordt, net als zijn vader, zilversmid. Hij behaalt zijn meesterschap in 1795 en zet de goudsmederij van zijn vader en oom Lucas van Giffen voort in het pand ‘Tusschen de beide Markten’, hoek Guldenstraat in Groningen.  Het ontbreekt hem aan een zoon als opvolger en hij leidt zijn achterneef Lambertus van Giffen op.


Als zijn dochter Willemina Margaretha van Giffen trouwt met zijn vroegere leerling Nanno Folmer, deelt hij het bedrijf met hem, zodat het dan enige jaren bekend staat als de firma Folmer en van Giffen.


In 1820 is Hendrik raadslid, in 1832 wordt hij wethouder van de stad Groningen en trekt hij zich geheel uit het bedrijf terug.  Met zijn vrouw  verhuist hij dan naar de Herestraat.  Daarmee sluit zich het doek over de dynastie van Groninger zilversmeden Van Giffen.


Hendrik is ondertrouwd Groningen 08-06-1797 en getrouwd Groningen 02-07-1797 met Ellegonda Alingh, geboren Poelestraat Groningen, gedoopt Martinikerk Groningen 22-01-1773, overleden  ‘Achter de Muur’ C95 Groningen 22-03-1839, dochter van Willem Alingh (bierbrouwer) en Lucia Helena Dijk.

 

Tussen beide Markten in de Stad: gezien naar het westen gezien naar het westen in mei 1938. Bron: RACGA Groninger Archieven, Beeldbank Groningen.

"Tussen beide Markten" in de Stad: gezien naar het westen in mei 1938. Het straatje tussen de Grote Markt en de Vismarkt heet echt zo. Het is het straatje waar 'Van Giffen' gevestigd is geweest. Bron: RACGA Groninger Archieven, Beeldbank Groningen.


Uit dit huwelijk:
1. Henrica Catharina van Giffen,  geboren tussen Beide Markten Groningen, gedoopt Martinikerk Groningen 17-06-1798, overleden Poelestraat C16 (nu nr. 10)  Groningen 16-03-1856.

Zij is getrouwd Groningen 08-05-1820 met Sicco Rienstra Slothouwer, predikant, geboren Oudkerk ca. 1898, overleden Leermens 29-09-1843, zoon van Bochus Slothouwer (procureur) en Jitske Jaarda.

 

2. Lucia Helena van Giffen,  geboren tussen Beide Markten Groningen, gedoopt Martinikerk Groningen 26-01-1800, overleden Oude Ebbingestraat A52 (nu nr.20) Groningen 09-03-1838.

Zij is getrouwd Groningen 10-09-1828 met Jacob Kniphuizen, bierbrouwer, geboren Groningen 13-08-1797, overleden (als kolonist) Veenhuizen 24-07-1864, zoon van Hendrik Jan Kniphuizen (koopman) en Berendina Dijck.

 

3. Johanna Wilhelmina van Giffen, geboren tussen Beide Markten Groningen, gedoopt Martinikerk Groningen 28-02-1802, overleden der A H99 Groningen 04-03-1835.

Zij is getrouwd Groningen 09-05-1825 met Klaas Mesdag, stijfzelfabriceur, gedoopt Bolsward 04-05-1795, overleden Groningen 04-02-1881, zoon van Taeke Gilles Mesdag (advocaat) en  Engeltje Reins Monsma.

 

4. Willemina Margaretha van Giffen,  geboren tussen Beide Markten Groningen 19-10-1804, gedoopt Martinikerk Groningen 04-11-1804, overleden tussen Beide Markten Groningen 24-09-1841.

Zij is getrouwd Groningen 29-04-1829 met Nanno Folmer, geboren buiten de Herepoort Groningen, gedoopt (als Nanne) Martinikerk 06-03-1803, overleden Groningen 04-02-1891, zoon van Tidde Fomer en Trijntje Louwes.

 

5. Maria Henriette van Giffen, geboren tussen Beide Markten Groningen, gedoopt Martinikerk Groningen 11-01-1807, overleden Grote Kromme Elleboog H16 (nu nr.10) Groningen 21-07-1856. Zij is niet getrouwd geweest.

 

Leuke details
- De producten van Van Giffen worden in de antiekhandel nog steeds angeboden tegen hoge prijzen. Ook vinden we ze terug in musea. Zo bezit het Groninger Museum 138 objecten van Van Giffen (zie link hieronder).
- Het geslacht Van Giffen bestaat nog steeds. De familie komt nog regelmatig bij elkaar getuige een bulletin uit 1999. Wat de genealogische link is tussen de huidige familie Van Giffen en die uit de stad Groningen kun je opzoeken in de stamboom op de website van de familie Van Giffen.

 

   Website: Website Stichting Familie Van Giffen

   Lees meer: Bulletin nr. 3 uit 1999 v.d. familie Van Giffen. (PDF-bestand).
   Bekijk hier de objecten van: Van Giffen in het Groninger Museum.

 

 

 

Bronnen:
- H. van Giffen in 'Ons Erfgoed', jg. 7, nr 3, pag. 114-116).
- Afbeeldingen: Mr. F.J. Haffmens Kunst en Antiekhandel, Utrecht
- Website Stichting Femilie Van Giffen
- Groninger Museum
- Greets genealogie


Noten:

1 Zie de genealogie van Hendrik Willem van  Giffen
2 Minke A. de Visser, Groningse Volksalmanak, jr. 1939, pag. 159 t/m 167. Een huis vol goudsmidtraditie
3 Voogden
4 Ons Erfgoed, 1997, nr. 6, pag. 232-234).


Deze pagina maakt deel uit van www.nazatendevries.nl. Aan bovenstaande tekst is de uiterste zorgvuldigheid besteed. Desondanks kunnen er best fouten voorkomen. Constateer je fouten en/of heb je vragen, correcties, aanvullingen......... geef die dan even aan mij door via mijn E-mail adres (zie rode balk boven). Wij hebben ons uiterste best gedaan om de auteurs van teksten/citaten en copyrightbepalingen van afbeeldingen te achterhalen. Mocht je rechthebbende zijn en hierover vragen of opmerkingen hebben, neem dan contact op via e-mail. Lees ook de 'Disclaimer' en 'Privacy' voor méér informatie en laat ook eens een bericht achter in het Gastenboek, dan weet ik waarvoor ik het doe.

Hoogeveen, 24 april 2026.
Samenstelling: © Harm Hillinga.
Klik hier om naar het menu ARTIKELS te gaan.
Klik hier om terug te gaan naar de HOMEPAGE.
Top