

Voordat er tweedehandswinkels of kledingcontainers zijn, is er de voddenboer, voddenman of lorrenman geweest. Deze kleine ondernemers komen langs de deur om oud textiel (‘vodden’) op te kopen en een tweede leven te geven.
Een voddenman of voddenboer, in sommige delen van Nederland ook wel lorrenboer genoemd (in België kloddengaarder), is iemand geweest die oude kleren opkoopt en weer doorverkoopt voor de fabricage van papier of poetskatoen.
Tot in de jaren zestig van de twintigste eeuw is hij door de straat gekomen met paard en wagen, bakfiets of handkar. Men kan aan hem oude kleding en beddengoed als vodden aanbieden. De jutezak met vodden wordt gewogen met behulp van een weeghaak ook wel unster (zie foto rechts) genoemd.
Foto's: Van SeniorPlaza, Links: Een voddenman of lorrenboer. Rechts: weeghaak of unster.
Ruilhandel
De voddenman noemt zijn kiloprijs en de huisvrouw die de vodden wil verkopen, probeert er nog 1 of 2 cent meer voor te krijgen, soms lukt dat, meestal niet. Soms is er sprake van 'ruilhandel', de handelaar heeft dan op zijn kar allerlei vooral voor kinderen aantrekkelijke hebbedingetjes uitgestald die hij aanbiedt in ruil voor vodden.
In de jaren zeventig van de twintigste eeuw worden de vodden ook vaak gratis meegegeven.
De voddenman verdwijnt in de welvarende wereld geheel uit het straatbeeld. Vodden of oude kleren worden daarna geschonken aan kringloopwinkels of als textielafval gescheiden ingezameld en hergebruikt[1].
Langs de deur
"Vodden, wie heeft er nog vodden
Ik geef de hoogste waarde voor uw vodden"
heeft Wim Sonneveld in 1955 gezongen. Hiermee verwijst hij naar de lokroep van de voddenboeren die in die tijd nog regelmatig door de straten lopen om aan de deur oud textiel op te halen. Sinds de jaren '70 van de vorige eeuw is dit beroep zo goed als uitgestorven in Nederland. Deze ouderwetse manier van het inzamelen van gebruikte kleding, lappen en beddengoed is tegenwoordig zoals al geschreven, vervangen door de textielcontainer of tweedehandswinkel.
Kleine ondernemers
Vodden- of lorrenmannen zijn kleine ondernemers geweest die een magere boterham verdienen met het inkopen van gebruikt textiel van particulieren. Vaak vullen ze hun handel aan met andere materialen, zoals metalen of oud papier. Ze zijn langs de deuren gekomen met handkarren of wagens getrokken door honden of paarden. Mensen met oud textiel komen dan naar buiten, waar de kleding wordt gewogen en voor een paar cent per kilo verkocht.
Vervolgens probeert de voddenboer de materialen die hij heeft verzameld door te verkopen en er op die manier winst op te maken. Kleding die niet al te erg versleten is, kan direct worden verkocht. Meer versleten textiel wordt in grote zakken naar de groothandelaar gebracht, die ze vervolgens weer doorverkoopt aan de makers van poetslappen of papier.

Een voddenraper vroeg in de ochtend in Parijs, Avenue des Gobelins, Parijs, 1899. Foto: Een voddenraper vroeg in de ochtend in Parijs, Avenue des Gobelins, Parijs, 1899.
Bron: kunstmagazinberlin.de/0711/art_fotomalerei.shtml. Op Wikipedia. Licentie: Publieke domein.
Het einde van de voddenman
De meeste mensen in Nederland hebben al decennia geen voddenman meer gezien. Als Nederland steeds rijker wordt in de jaren 1960 en 1970 worden de magere inkomsten van het beroep steeds minder aantrekkelijk. Een paar voddenboeren kunnen grotere bedrijven opbouwen in de recyclingindustrie, maar dit zijn de uitzonderingen op de regel. Er zijn grote veranderingen in de maatschappij geweest waardoor de afzetmarkt voor vodden is gevallen. Papier wordt meestal gemaakt van houtpulp en fast fasion biedt een goedkoop alternatief voor tweedehandskleding.
Sinds kort is er echter een toenemende belangstelling ontstaan voor een duurzamere omgang met gebruikt textiel. Tweedehandswinkels worden steeds populairder en wat echt niet meer draagbaar is kan verwerkt worden in bijvoorbeeld vloerbedekking. De Nederlandse initiatieven Vodde en Voddenmannen, alle twee vernoemd naar de inmiddels verdwenen beroepsgroep, zetten zich bijvoorbeeld in om oud textiel een modieus nieuw leven te geven.
Even ter zijde
Normaal gesproken plaatsen we geen artikels of teksten buiten het gebied van het Groningerland. In dit specifieke gevals doen we even er paar stappen naar het zuiden. De rest van dit arikel zal dit duidelijk maken waarom.
Van vodden naar sokken: Sokkenfabriek Vodde[2]
De jonge sokkenfabrikant 'Vodde' is één van de finalisten van de KvK Impact Award 2021, waarvan de winnaar op 2 februari bekend is gemaakt. Deze award wordt uitgereikt aan bedrijven die tijdens de laatste coronacrisis een innovatief product op de markt hebben gebracht. Vodde geeft oud textiel een nieuw leven door er allerlei soorten kwaliteitssokken van te maken.
Oprichter Patrick Welp komt op het idee door een combinatie van factoren:
zijn ongenoegen over de misstanden in de textielwereld – waarin hij al ruim vijftien jaar werkzaam is – en pure noodzaak. Aan het begin van de pandemie vallen de aanvoerlijnen voor sampling en orders volledig weg. Daarom bouwt hij zijn eigen sokkenfabriek, direct naast het Textielmuseum in Tilburg. Een strategische locatie.
Het idee om van gebruikte kleding nieuwe sokken te maken én een deel van je productie hiervoor in Tilburg op te zetten, is een gewaagde
Van oud naar nieuw
“Het idee om van gebruikte kleding nieuwe sokken te maken én een deel van je productie hiervoor in Tilburg op te zetten, is een gewaagde”, aldus Welp. “En dat ook nog tijdens de coronapandemie! Het behalen van deze finaleplaats zien we dan ook als een bevestiging dat de markt roept om circulaire oplossingen die een concreet product opleveren.”[3]
Het businessmodel van Vodde is uniek en zeker niet eenvoudig. Het werken met gerecyclede garens van textielafval blijkt in de praktijk een behoorlijke uitdaging. De vezels zijn korter en daardoor kwetsbaarder, legt Welp uit. “De eerste sokken die uit onze machines rolden waren te klein en gingen pillen. Ik dacht: dit wordt niks. We werkten tot diep in de nacht door. En door aanpassingen in de constructie zijn we er uiteindelijk in geslaagd om echt een goed gebruiksproduct te maken, waardoor we nu een brede collectie kunnen aanbieden.”
Via retailers en een eigen webshop zijn de sokken verkrijgbaar voor de consument. Het idee hierachter is om ‘circulaire’ sokken bereikbaar te maken voor iedereen, maar ook om klanten te vragen om feedback zodat Vodde kan blijven innoveren met textielafval. De collectie is breed, van wandelsokken tot hippe retrosokken. Verkoopprijzen liggen tussen de 7 euro en 9,95 euro, voor zowel dames als heren. Naast het consumentenlabel Vodde ontwikkelt en breit het bedrijf voornamelijk voor sport- en modemerken en bedrijfskledingspecialisten. “Door de pandemie was reizen, sampling en kwaliteitsborging een probleem. Het reshoren[4] van de sampling[5], plus het digitaal koppelen van onze fabriek in Tilburg met grootschalige fabrieken in Zuid-Europa, lost dit probleem op voor de inkopers en ontwikkelaars van modemerken, sportlabels en retailers”, verklaart Welp. In Tilburg kunnen de samplecollecties volgens hem razendsnel worden ontwikkeld voor de klant, met een doorlooptijd van ongeveer een week voor een complete collectie.
Foto links: Herensokken van het bedrijf Vodde uit Tilburg.
“Na akkoord van de klant sturen wij de data direct door naar de fabriek om zo in grotere aantallen de exacte sok te maken. Het voordeel voor inkopers is snelheid en kwaliteit tegen goede prijzen, zonder eerst de halve wereld over te vliegen. Ook door de veelvuldige ontwikkelingen bij Vodde hebben we het vakmanschap teruggehaald en zijn op die manier een partner voor bedrijven die sokken verkopen. Wij maken immers de sokken van garens die we ook zelf ontwikkelen, een unicum in de wereld van de sokkenindustrie.”
Lef en ondernemerschap worden beloond, want de garenfabriek van Vodde in Tilburg draait inmiddels op volle toeren. De sokken die hier worden geproduceerd zijn honderd procent circulair. Ze worden gemaakt van restpartijen die Vodde krijgt van verschillende partners, zoals kringloopwinkel La Poubelle. De volgende stap is om de garens ook geschikt te maken voor andere textielproducten, zoals T-shirts en werkkleding.
"OPEN VOOR SAMENWERKINGEN"
“We staan open voor samenwerkingen met modebedrijven die onderdeel willen zijn van deze circulaire reis”, aldus Welp. “En ja, we krijgen veel aanvragen binnen van bedrijven die iets met circulaire mode willen doen. Duurzaam ondernemen is vooral een kwestie van de knop omzetten en hierin durven investeren. Daarbij willen wij graag een gids zijn en bedrijven een helpende hand bieden bij zaken waar zij tegenaan lopen.”[6]
"Stiefbeen en Zoon"

Foto links: Rien van Nunen en Piet Römer tijdens de opnamen van aflevering 10: Kostgangers gevraagd van Stiefbeen en zoon, 24 september 1963. Foto: R. Frings. Bron: Wikipedia. Licentie: Creative Commons.
Stiefbeen en zoon
Het programma “Stiefbeen en Zoon” van 1962-1974 op de televisie herinnert nog aan de oude ‘voddenman’.
De serie gaat over de conflicten tussen vader en zoon. Stiefbeen senior is een voddenman, een handelaar in lompen en oude metalen, die nogal groezelige manieren heeft. Daarentegen heeft zijn veertig jaar oude zoon Dirk Stiefbeen meer sociale aspiraties en pretenties. Pa Stiefbeen heeft de nodige trucs in huis om ervoor te zorgen dat zoon Dirk toch vooral niet aan een vrouw raakt. Het gemoed van Dirk is een gemakkelijke prooi voor de ontevreden vader[7].

Bronnen:
Wikipedia, Stiefbeen en zoon
Facebook; Jeugdsentiment – Vroeger was alles anders
Forum, ondernemer en politiek, ‘de voddenboer was zijn tijd vooruit’
Fashionunited.nl
Wikipedia, Voddenman
Wikipedia, Vodde
Seniorenkrant.nl
Seniorplaza.nl
Vodde.nl
|