De Spaanse griep in het Oldambt, 1918-1920

 

Ook Finsterwolde en Beerta worden getroffen door de Spaanse griep

 

Kininetabletten zouden het middel tegen de Spaanse Griep zijn.
Kininetabletten zouden het middel tegen de Spaanse Griep zijn.

Het begint met koorts, keelpijn en hoofdpijn en een paar uur later is de patiënt doodziek. ’s Morgens nog gezonde jonge mensen zijn ’s avonds dood, vertellen de mensen. En ze sterven bij tientallen aan de ziekte. Het is bekend dat in een bepaalde stad/streek 90% van de bevolking sterft. Volgens een voorzichtige schatting zijn wereldwijd 50 tot 100 miljoen mensen slachtoffer geworden van de Spaanse griep. Het is nu inmiddels al langer dan 100 jaar geleden dat deze griep het Oldambt bereikt en ook daar slachtoffers maakt.


De Spaanse griep, die hier in oktober, november en december 1918 heerst, is zeer kwaadaardig en eist 41 slachtoffers. Het aantal ingezetenen dat door de griep wordt aangetast is niet bekend, maar kan zeker op 1000 worden geschat. Dat schrijft de burgemeester van Finsterwolde in het jaarverslag over 1918. Het betekent dat er 1000 mensen ziek zijn op een bevolking van iets meer dan 3000. Je kunt je voorstellen wat dat betekent voor het sociale leven in het dorp; 41 slachtoffers is de helft van alle mensen die overlijden in Finsterwolde in 1918. Een jaar later, in 1919 sterven in totaal 33 mensen aan de ziekte. Iedereen kent wel iemand die is overleden aan deze griep
[1].

 

Zo overlijdt op 27 november 1918 de te Finsterwolderhamrik geboren Geessien de Vries op 20-jarige leeftijd in Nieuw Beerta aan de Spaanse griep.

 

 

 

 

 

Spaanse griep in de Eerste Wereldoorlog


De Spaanse griep begint in de eerste maanden van 1918 vermoedelijk in een militair kamp in de Verenigde staten. De Eerste Wereldoorlog is in volle gang en dat zal bijgedragen hebben aan de verspreiding van het virus. De Amerikaanse soldaten komen naar Europa voor de strijd. Ze brengen het virus mee en besmetten de andere soldaten. Duizenden sterven aan beide zijden van het front. De ziekte maakt geen onderscheid tussen soldaat of burger. Waar ze elkaar tegenkomen, verspreidt het virus zich razendsnel.
De ziekte maakt wel een ander onderscheid, waarmee het afwijkt van het griepvirus dat ieder jaar terugkomt. Ouden van dagen, jonge kinderen en zwangere vrouwen zijn het kwetsbaarst voor het bekende griepvirus, terwijl de Spaanse griep vooral slachtoffers maakt onder mensen in de kracht van hun leven, mensen tussen 20 en 40 jaar oud.
Over de oorzaak is er geen echte duidelijkheid. In 1918 en 1919 gaat het gerucht dat de Duitsers het verspreid hebben op het slagveld om hun tegenstanders te verzwakken. Als dat waar is, heeft het ze niet veel gebracht, want ook de Duitse soldaten sterven bij honderden. Een ander idee, dat in de hele geschiedenis veel voorkomt, is dat het een straf is van God. In dit geval kan ik me er wel wat bij voorstellen. Er is een oorlog aan de gang en tegelijk raast een griep over de wereld die precies die mensen, vooral mannen in dit geval, treft die eigenlijk moeten vechten [1]

 

Militair hospitaal tijdens de Spaanse griep in Kansas USA. (Bron: cc - US National Museum of Health and Medicine). Licentie: Creative Commons.


 

Wereldwijd krijgt één op de drie de Spaanse griep en naar schatting sterven er 50 á 100 miljoen mensen wereldwijd. Vrij algemeen wordt aangenomen dat de Spaanse Griep is begonnen op 4 maart 1918 in Camp Funston in Kansas, op een Amerikaanse legerbasis. Hier overlijdt de kok Albert Gitchell aan de griep. Als de geallieerden naar Europa vertrekken om te vechten in de Eerste Wereldoorlog, worden ze ingeënt met 14 tot 26 vaccinaties. Mogelijk heeft die combinatie onbedoeld een chemisch bijeffect gehad, wat leidt tot het virus. Ook zou hun lichaam door al die ingeënte antistoffen dusdanig overbelast zijn geweest, dat er een verandering plaatsvindt bij de aanmaak van antistoffen.

 

Een tweede gangbare theorie is dat de pandemie zijn oorsprong heeft in China in de jaren 1917-1918. Volgens onderzoekers is de Spaanse griep een gemuteerd varkensvirus.
Een derde theorie wijst de plaats Étaples in Frankrijk tijdens de Eerste Wereldoorlog als startpunt aan. Ten slotte zijn er onderzoekers die wijzen op de Spaanse Griep als een variant van gemuteerde vogelgriep [4].

 

Terug naar het Oldambt


Laten we eens teruggaan naar het Oldambt aan het einde van 1918. Het is het vierde jaar van de oorlog en in november is de overgave van Duitsland. Nederland is neutraal gebleven, maar dat betekent niet dat de oorlog geen effect heeft in dit gebied.
Voor een handelsland als Nederland is het heel ongunstig dat alle buurlanden in oorlog zijn. En na vier jaar zijn de tekorten goed voelbaar. Gelukkig is 1918 voor de landbouw een goed jaar, dus er zijn voldoende voorraden voor de winter. Hoewel, het zou nog beter zijn als er voldoende kunstmest in het gebied aanwezig zou zijn, maar dat is beslist niet het geval, aldus de burgemeester van

 

Beerta in zijn jaarverslag


Veel levensbehoeften zijn op de bon en de burgemeesters corresponderen druk over de levering en de kwaliteit van goederen om de inwoners van hun gemeenten te kunnen verzorgen. Ook de armbesturen hebben een drukke tijd. Veel Oldambtster arbeiders werken in de jaren voor de Eerste Wereldoorlog over de grens in Duitsland. Dat kan niet meer nu de grenzen door de oorlog gesloten zijn.
Het is ongemakkelijk en voor de arbeidersgezinnen moeilijk, maar bij lange na niet zo bedreigend als de oorlog die in de andere landen woedt. Daarbij moet er een kleine uitzondering gemaakt worden voor de dorpen Beerta en Finsterwolde en de grensplaats Nieuweschans, die ook nog te maken hebben met de dreiging die uitgaat van de revolutie in Rusland en de communisten in hun eigen gemeenten.

 

Iedere gemeente in het Oldambt krijgt men te maken met de Spaanse griep en in alle gevallen betekent het minstens een verdubbeling van het dodental. Ook de burgemeester van Beerta maakt een opmerking over de griep:

 

Ook hier heeft de Spaanse griep in hevige mate gewoed. In de maanden november en december overleden in de gemeente niet minder dan 60, meest in de kracht van hun leven.

 

Veel andere burgemeesters besteden wonderlijk genoeg geen aandacht aan de Spaanse griep, maar uit de verdubbeling van de sterftecijfers kunnen we concluderen dat er ook in andere gemeenten veel dodelijke griepgevallen zijn geweest.
Gemeenten met veel armoede en uiterst povere behuizing met weinig licht en lucht zijn het zwaarst getroffen. In Oost-Groningen sterft volgens het Nieuwsblad van het Noorden 1 op de 100 inwoners. In sommige gemeenten zelfs meer, in Finsterwolde 140 op 1000 inwoners, in Termunten 114, in Onstwedde 116, in Oude Pekela en in Beerta 105. Het gezin van veehandelaar Jacob Nieweg uit Beerta wordt zwaar getroffen met drie slachtoffers.

 

Genadeloos slaat de Spaanse griep toe. De ziekte ontziet niets en niemand. Ook huisartsen worden ziek of sterven, zoals Roelof van Wering uit Oude Pekela. Hij is tevens burgemeester. Naar hem is een straat genoemd in die plaats.

 

Bellingwolde


Abert Schut uit Zetten zoekt in november 2016 naar informatie over de Spaanse griep in de gemeente Bellingwolde inzake beide grootouders, Albert Schut en Anna Kuil. In 1918 zijn zij vijf dagen na elkaar aan de Spaanse griep overleden en volgens overlevering begraven bij de Hervormde kerk te Vriescheloo. De graven heeft Albert niet kunnen vinden. Het trieste is hier dat de vader van Albert dan nog maar vijf jaar is en dat hij samen met zijn jongere broer en zus tegelijkertijd wees is geworden. Ze zijn vervolgens opgevoed door zijn grootmoeder in Vriescheloo en hebben daar op de Witte oude school gezeten.

 

De huisarts van Siddeburen


Piet Woudstra overlijdt in december 2018 te Siddeburen.
Piet Woudstra overlijdt in december 2018 te Siddeburen.

Huisarts Hans Jan Woudstra, gehuwd met Petronella Meindersma uit Siddeburen, is dag en nacht in touw om patiënten te helpen, ontspringt de dans. Maar zijn vierjarige zoontje Piet Hans en dochtertje Anna Petronella van een paar maanden oud overlijden binnen een week na elkaar. Voor de kinderen is op de begraafplaats van Siddeburen een grafmonument opgericht met de tekst: ’Ter gedachtenis aan onze lievelingen’. Rinse Brink omschrijft zijn grootouders als moderne mensen [5]. Dokter Woudstra is, wat in die tijd nogal uitzonderlijk is, amateurfotograaf. Hij fotografeert zichzelf in de praktijk met een zelfontspanner, maar ook zijn zoontje met blonde krullen. Ondanks het feit dat de arts alles heeft geprobeerd wordt eerst de baby Anna ziek en vervolgens de vierjarige Piet. Ze sterven en het doktersechtpaar kan het niet langer aan om in Siddeburen te blijven wonen en vertrekt naar Wije bij Zwolle om daar huisarts te worden. In Wijhe worden ze verrast met de geboorte van een nieuw dochtertje met dezelfde naam als het overleden kindje, Anna Petronella [5].


 

Het graf van Piet Hans (8 maart 1914 tot 15 december 1916 en Anna Petronella Woudstra (21 juli 1918 tot 9 december 1918). Bron: Graftombe.nl
Het graf van Piet Hans (8 maart 1914 tot 15 december 1916 en Anna Petronella Woudstra (21 juli 1918 tot 9 december 1918). Bron: Graftombe.nl

Bijna voorbij, maar….


In november 1918 is de Spaanse griep bijna voorbij, maar dan steekt deze samen met cholera de kop weer op. Ook nu sterven wederom honderden mensen. In een document uit die dagen lezen we het volgende:


‘….. Slechts eene gemeente, Diever, vertoonde een sterftecijfer van 30.1, beneden de 40 dus, alle andere waren daarboven en sommige zelfs zeer ver er boven. 17 hadden een cijfer van over 100 en één Zuidlaren bracht het zelfs met het ongehoorde sterftecijfer van 224.6, een goed eind boven de 200. Met zulk een cijfer in 17, dat is juist de helft van het totaal aantal gemeenten van 34, is het geen wonder, dat de provincie in haar geheel met een sterftecijfer van 103.1 ook boven de 100 kwam. In de andere Noordelijke provincies was het niet zoo hoog, maar toch altijd nog veel hooger dan gewoonlijk. Groningen had een sterftecijfer van 70 en 11 van de 47 gemeenten een cijfer van boven de 100. Het hoogst kwam Finsterwolde met 164.9. Daarna kwam Friesland met een cijfer van 52.8 [?] en ééne gemeente, Achtkarspelen, die, met 120.4, boven de 100 was gestegen. Overijsel, dat in October de meeste sterfgevallen had van het geheele land, had in November, van het Noorden althans, relatief de minste en het sterftecijfer: 49.5 bleef juist nog beneden de 50. Zeven van de 60 gemeenten hadden een sterftecijfer boven de 100. Het hoogst was de kleine gemeente Wilsum, met slechts 643 inwoners, die een sterftecijfer had van 189.2. Daarna kwam Gramsbergen met 165.3, en Stad-Hardenberg, dat in October een cijfer had van 128.1, had nu een nog hooger: 142.5. De influenza heeft dus in de vorige maand weer kwaad genoeg gedaan, en het waren weer vooral de acute ziekten der ademhalingsorganen, waarmede zij gepaard ging, die de meeste sterfgevallen veroorzaakten. Of het werkelijk de oude influenza van het jaar '90 was, schijnt nog niet zeker uitgemaakt te zijn, want er zijn stemmen, onlangs weer uit Engeland b.v., die met evenveel stelligheid het voor en het tegen bepleiten. Alles bij elkaar genomen is de waarschijnlijkheid, dat men met dezelfde ziekte te doen heeft, echter toch wel heel groot. De influenza-bacil, die trouwens vroeger ook herhaaldelijk gemist werd, is nu bij zorgvuldig onderzoek meermalen gevonden, en de ziekteverschijnselen zijn zeker niet van dien aard, dat men het recht heeft een geheel andere ziekte aan te nemen. Verschillen, als nu werden waargenomen, komen bij alle epidemieën voor en daarop alleen kan men nooit tot een wezenlijk verschil in de ziekte zelve besluiten. Wat haar ditmaal zoo bijzonder gevaarlijk maakte, de groote sterfte onder de jongeren, was intusschen wel zeer noodlottig……’ [2]

 

De Geneeskundige Commissie van Brugge maakt voorzorgsmaatregelen bekend om verspreiding van het virus te voorkomen. Merk op dat een aantal van de maatregelen overeenkomen met die tegen het Coronavirus in 2020.

 


Nog in oktober 1918 zijn in het oosten van Groningen de sterftecijfers van de Spaanse griep erg groot. Er zijn dan nog vijf gemeenten met een sterfte groter dan 100 per 1000 inwoners. Finsterwolde telt er 140, Onstwedde 116, Termunten 114, Beerta en Oude Pekela elk 105 [2].


In Nederland sterven binnen enkele maanden meer dan 27.000 mensen aan de Spaanse griep. De meeste in de maanden oktober (5506), november (16.960) en december (5321) van 1918. Hele gezinnen sterven. In de zomer van 1918 is een eerste golfje van Spaanse griep ons land overspoeld, maar het aantal slachtoffers blijft dan beperkt. Diegenen die in de eerste golf de griep hebben gehad, krijgen in het najaar de griep niet opnieuw.


In het laatste kwartaal van 1918 zijn de provincies Drenthe, Groningen en Overijssel relatief het zwaarst getroffen, met sterfte cijfers van 8,5, 5,9 en 5,2 doden per 1000 inwoners. Zuid-Holland heeft met 3,2 het laagste sterftecijfer van de Spaanse griep.  Het cijfer voor geheel Nederland is 4,1. De meeste slachtoffers vallen in gemeenten met minder dan 20.000 inwoners en dan met name in gemeenten met slechte woonvoorzieningen. Veel mensen in het noordoosten van Nederland wonen in eenkamerwoningen en daar slaat de Spaanse griep vooral toe. Ook is de sterfte hoog in ziekenhuizen en psychiatrische inrichtingen waar mensen die griepverschijnselen vertonen op één zaal worden verpleegd [3].


De Spaanse griep is in 1919 ineens voorbij, niet alleen in het Oldambt, maar over de hele wereld. De ziekte heeft meer slachtoffers gemaakt dan de hele Eerste Wereldoorlog. Wonderlijk dat we deze verschrikkelijke epidemie bijna vergeten zijn.

 

 

 

Noten en bronnen:


1. Marianne Kruyswijk, 1 november 2018, in ‘Algemeen’.
2. Paul Theelen, ‘Kroniek van den oorlog, de Spaansche griep 1918-1920’.
3. Tiny Kamp, Spaanse griep.
4 .Historiek.net.
5. NOS, Pauline Broekema, Anna en Piet, de dokterskinderen die vielen door de Spaanse griep, 3 en 5 maart 2018.
6. Nieuwsblad van het Noorden.

 

 

Cartoon uit De Nieuwe Amsterdammer waar de Spaanse Griep de man achter het loket verleidt.

 


Deze pagina maakt deel uit van www.nazatendevries.nl.
Aan bovenstaande tekst is de uiterste zorgvuldigheid besteed. Desondanks kunnen er best fouten voorkomen.
Constateer je fouten en/of heb je vragen, correcties, aanvullingen...geef die dan even aan mij door via mijn E-mail adres.
Laat ook eens een bericht achter in het Gastenboek.
Hoogeveen, 23 maart 2020.
Samenstelling: © Harm Hillinga
.
Menu Artikelen.
Terug naar de HomePage.
Top