![]() |
| Het arbeidershuisje tegenover de borg van Fokke Duut met onder Opoe Duut (zie foto hieronder) die elke dag een bezoek komt brengen aan het hertenkamp bij de Ennemaborg. |
![]() |
| Een van de beide 19e-eeuwse arbeidershuisjes (keuterijen) tegenover de borg. Auteur: Hardscarf. Bron: Wikipedia, Ennemaborg. |
Door huwelijken zijn de bewoners verbonden met de Ommelander adellijke families Alberda en Siccema. Vooral als de naam Hora aan de Ennemaborg wordt toegevoegd. Wilhelmus Hora is de zoon van een rijke bankdirecteur uit Groningen. Met zijn geld wordt het gebied sterk uitgebreid en wordt de borg tot het huis dat er nu staat. In de kerk van Midwolda zijn de kerkbanken van de Hora’s nog steeds te bewonderen, compleet met de familiewapens.
De borg heeft vele roerige tijden meegemaakt. Zo ook in 1748. De verveners willen een gunstiger contract en om dit af te dwingen staan er plotseling gewapende mannen voor de poort van de borg. Catharina Wolters beheert op dat moment de borg. Zij staat de mannen in de voordeur te woord. De mannen dreigen haar te vermoorden als ze de contracten niet wijzigt. Zij weigert zelfs na die dreiging en de mannen druipen af, verbluft door zoveel vastberadenheid.
Deze rentmeester gaat hard aan het geld verdienen met vervening, houtverkopingen en verpachten van landbouwgrond. Hij krijgt een vast inkomen en provisie van de winst die hij maakt. Door de enorme winsten die hij maakt, wordt hij een van de rijkste mensen van Groningen.
In 1817 is er geen erfgenaam meer die de borg wil beheren. Het landgoed wordt verkocht voor f 11.050,- wat in die dagen een riant bedrag is, aan twee Friese investeerders die een rentmeester aanstellen.
Tegenover de borg staat een schitterend gerestaureerd arbeidershuisje. Vóór de restauratie is het huisje bewoond geweest door Fokke Duut die in de zomer altijd op een bankje te zien is geweest tegen een laag muurtje, naar alle voorbijgangers zwaaiend met zijn stok. Opoe Duut is dagelijks even te zien bij het hertenkamp aan de overzijde van de straat (zie foto).

Portretten van Johan Hora (linksboven, 1683-1744) en zijn vrouw Catharina Wolthers (rechtsboven, 1695-1755) en van Johan Hora's kleinzoon Johan Hora Siccama (linksonder, 1738-1812) en zijn vrouw Egberta Louisa Beckeringh (rechtsonder, 1740-1810), allen bewoners van de Ennemaborg. Bron: Wikipedia, Ennemaborg. Licentie: Publieke Domein.
Midwolderbos
Het bos achter de borg is in het begin van de tachtiger jaren omgevormd tot een natuurlijk bosgebied. Er wordt niet meer gekapt voor de houtteelt en het dode hout wordt niet meer weggehaald, maar blijft in het bos liggen. Het bos wordt begraasd door koniks (wilde paarden). De bosbodem is bij gedeelten leemhoudend en bij vochtige weersomstandigheden erg nat, terwijl andere delen van het bos veel droger blijven. Mede hierdoor ontstaat er een variatie aan wilde planten. Door de rijkdom aan kruidachtige planten, struiken en levende, maar ook dode bomen, komen er in het Midwolderbos veel vogelsoorten voor. In de herfst is het bos aantrekkelijk door zijn vele soorten paddenstoelen. Verder naar achteren, aan de oostzijde van het bos, is in 1991-1992 een veertig hectare groot plassengebied ingericht. Dit terrein, een grote plas met enkele kleinere plassen, is een aantrekkelijk gebied voor water- en oevervogels. De diepte van het gebied in ongeveer 2 ½ km en er lopen wandelpaden doorheen.
De status van Ennemaborg wordt nu bepaald door natuurlijk beheer. Dood hout laat men liggen; de schimmelwerking bevordert de groei van paddenstoelen. Bezoekers kunnen niet alleen vanachter de ruiten genieten van het park, maar ook in de uitkijkposten. Dankzij de natuurplassen die zijn gegraven, bulkt het er van de vogels en krioelt het van de vis. Kikkers hebben bijna net zo'n grote bek als de schapen die er rondlopen. En als je heel stil op een bankje gaat zitten, dan hoor je zelfs het geruis van de libellen.
Sinds het Groninger landschap de Ennemaborg in 1965 in eigendom kreeg, is er een hoop gebeurd op het landgoed. De borg zelf, die al in de 14de eeuw heeft bestaan met twee torens, is opgeknapt. De tuin, aanvankelijk in de 17de en 18de eeuw uitgevoerd in de strakke barokstijl maar daarna vervangen door de Engelse landschapsstijl met z'n heuvels, kronkelpaadjes en vijvers, is teruggebracht in de oorspronkelijke stijl. Stinzenplanten zijn terug gekomen, er zijn boomgaarden aangelegd met appels en noten en in de uitbreiding van het park viert de symmetrie weer hoogtij.

Koetshuis van de Ennemaborg aan de Hoofdweg 96 van Midwolda. Foto: 13 december 2010. Auteur: Hardscarf. Monument nr. 29920. Licentie: Creative Commons Attribution-Share Alike 3.0 Unported licentie.
Ook de bijgebouwen zijn aangepakt. Het koetshuis is getransformeerd tot restaurant, twee daglonerswoninkjes zijn opgeknapt, er is een hertenkamp aangelegd en er zijn recreatieplekken gemaakt. Het langgerekte park, dat ook wel het Midwolderbos wordt genoemd, staat vol met eiken, beuken en essen. Midwolda wordt vroeger wel de hoofdstad van het Oldambt genoemd, het lage (en lege) gebied in Oost-Groningen, dat op dit moment een metamorfose ondergaat. Knokken hun voorouders eeuwen geleden tegen de voortdurende overstromingen van de Dollard, nu hebben de Groningers een groot deel van het gebied (800 ha) bewust weer onder water gezet in de hoop dat dit de bouw van woningen zal stimuleren alsmede de komst van recreatievoorzieningen.
![]() |
| De kleurrijke †Maya Wildevuur. |
![]() |
| Galerie van †Maya Wildevuur in de Ennemaborg. Foto: Hardscarf maart 2011. Licentie: Creative Commons Attribution-Share Alike 3.0 Unported licentie. |
Het is een idee dat zo'n twintig jaar geleden ontstaat, als de landbouw dreigt teloor te gaan en de verpaupering (vele braak liggende percelen grond) zich aankondigt. Een 'supermeer' (in eerste instantie wordt nog uitgegaan van 10 000 ha) moet van het Oldambt het Venetië van het Noorden gaan maken, in plaats van een 'ecologische woestijn' waarin de monocultuur van graan, bieten en aardappels een zwarte toekomst wordt voorspeld.
En de borg is tegenwoordig een paleisje van kleur en licht, waar de bewoners niet meer achter de ruiten zitten om te zien hoe ver hun land reikt. Sinds 1992 bewoont †Maya Wildevuur met man Jan het landhuis, heeft ze er een atelier en een galerie in gevestigd en stelt het gebouw deels) open voor het publiek. Van verre is al te zien dat de kunstenares (1944) een voorliefde heeft voor felle kleuren en exotische spulletjes, dag en nacht branden er lampjes achter de ramen van de borg.
†Maya verzamelt haar leven lang al kunstvoorwerpen van over de hele wereld, tot in Tahiti en Gambia, maar stalt ook antiek uit tussen haar eigen bonte schilderijen en aangekochte kunst. De grote kamer is haar atelier, dat vol staat met schildersezels en verfpotten. Eén voorkamer staat vol met 'vibrerend roze', de andere is de 'blauwe kamer'. In de kelders zijn onder meer de doodskisten te zien waar †Maya haar kleurrijke visie op heeft uitgeleefd als in haar schilderijen. In deze houten sarcofagen zullen zij en Jan hun laatste rustplaats vinden. Onder het motto 'De kist is klaar' heeft het stel alle tijd om te genieten van Ennemaborg en de omgeving, inclusief de Blauwe Stad.
![]() |
![]() |
| Konikspaarden in het Midwolderbos. |
Koninks in het bos
Werkelijk uniek in de wereld is dat op landgoed Ennemaborg samen met de begroeiing ook paarden opnieuw mogen verwilderen en zich ontwikkelen zonder de foktechnische bemoeienis van mensen. We kennen in Europa nog wel halfwild levende paarden, bijvoorbeeld de New-Forest-pony, de Exmoor pony, het Dülmer Wildpferd. Dat zijn allemaal rassen die geëxploiteerd en gefokt worden.
Bij de Ennemaborg mag het paard zich in harmonie met zijn omgeving ontwikkelen. Hier zijn geen dekhengsten meer, maar de merries mogen zelf hun partner kiezen. De paardenfokkerij is afgeschaft ten gunste van de natuurlijke evolutie. Zo'n experiment is slechts éénmaal eerder gedaan.
In het begin van de vorige eeuw worden namelijk in Polen de laatste afstammelingen van de tarpans, nu koniks geheten, in het oerbos van Bialowieza vrijgelaten. De laatste wereldoorlog verstoort dit experiment wreed. Nu leven deze wilde paarden in de uitgestrekte productiebossen van het schiereiland Popiëlno aan de oevers van de Masourische meren. In 1981 ziet de Stichting Tarpan haar wens met succes bekroond. Met financiële steun van het Prins Bernardfonds is ze in staat een zeer sterk gebouwde konikhengst en enkele prachtige drachtige merries in te voeren. Deze in het wild opgegroeide paarden worden in bruikleen overgedragen aan de eigenaar van het landgoed de Ennemaborgh, de Stichting Het Groninger Landschap. De naam van de hengst is Nagar en de namen van de merries Jota en Ozanka.
Foto links: Hoofdingang van de Ennemaborg.
Het project op de Ennemaborg staat niet op zichzelf. Verwacht wordt dat de draagkracht van de plantengroei de populatie koniks of 'tarpans' hier zal beperken tot slechts enkele kudden van elk zo'n tien dieren. De Stichting Tarpan heeft daarom meteen het initiatief genomen tot een tweede import. Dit heeft ertoe geleid dat Staatsbosbeheer in 1984 maar liefst vijfentwintig koniks heeft ingevoerd. Deze dieren zijn ingezet bij het beheer van de Oostvaardersplassengebied. Door de zorgvuldige keuze van de beide aankopen is een zeer goede spreiding gekregen over de beschikbare bloedlijnen, zodat van inteelt voorlopig geen sprake zal zijn.
Het landgoed de Ennemaborg ligt op een langgerekte keileemopduiking in het Oostgroninger landschap tussen het brede dal van de Hunze en de uitgestrekte kwelderlandschappen. In het noorden is de Dollard door tot aan de borg doorgebroken en vanuit het zuiden groeit het natte hoogveen tot het hoger gelegen gebied. Heel toepasselijk noemt met enkele eeuwen geleden dit gebied het schiereiland van Winschoten. Tussen veen en zee handhaaft hier zich het Groninger oerbos. Het dorp Midwolda bij de Ennemaborg vormt, zo zegt de naam, de kern van dit oerbos. Het oerbos heeft al eeuwen geleden moeten plaatsmaken voor bouwland en de huidige tachtig hectare bos van het landgoed is eerst in de 18e eeuw en het begin van de 19e eeuw aangeplant. Dankzij de ruilverkaveling heeft de Stichting Het Groninger Landschap nog tachtig hectare geploegd bouwland aan het natuurgebied toe kunnen voegen. Het bos en het open gebied worden nu samen beheerd door middel van begrazing. De paarden en in het begin ook een aantal koeien (blaarkoppen) kunnen vrij over het hele gebied uitzwerven.
Foto links: Toegangspoort van de Ennemaborg. Foto: 11 mei 2007. Auteur: Anad. Licentie: Publieke Domein.
De paarden blijken in het bos een zeer geleidelijke invloed uit te oefenen. Uit hoefsporen en keutels is duidelijk dat ze overal komen. Vooral in september tot en met april, als gras op het voormalige bouwland minder overvloedig en voedzaam is, verblijven de paarden in het bos. Daar nemen ze een keur van voedsel tot zich. Ze zoeken zeer zorgvuldig alle gevallen essebladeren, eikels, twijgen en takken van diverse struik- en boomsoorten, schors en bast - vooral van iep, es en esdoorn - dode takjes, dode brandnetelstengels, braambladeren, klimop en gras. Speenkruid en meidoorntakjes met jonge blaadjes zijn het eerste verse groen in het voorjaar en zeer gewild. Het zal duidelijk zijn dat deze begrazing invloed heeft op de ontwikkeling van het bos, bijvoorbeeld in de groeivorm van struik en boom en op de verjonging. Betreding kan zich uiten in geringe verandering van de bodemstructuur zonder dat de begroeiing daar aanwijsbaar door verandert, maar ook in het volledig opentrappen van de bodem.
Het natuurbos van de Ennemaborg is nog maar in het begin van zijn ontwikkeling. Het terrein kent een grote verscheidenheid aan grondsoorten - variërend van venig zand tot potklei -, hoogteverschillen, verschillen in vochtigheid en voedselrijkdom. Het zal echter nog vele tientallen jaren duren voordat de variatie in spontane begroeiingen deze verscheidenheid aan bodemtypen volledig weerspiegelt. Begrazing is daarbij een noodzaak. Zonder de wilde paarden bleek de begroeiing alleen maar gelijkvorminger te worden.

Een foto van de achterzijde van de Ennemaborg. Foto: ©Jur Kuipers, 2022.
Meer lezen over de Ennemaborg:
Ennemaborg, deel 1. Dit artikel.
Ennemaborg, deel 2.
Ennemaborg, deel 3. De rentmeesters van de Ennemaborg.
![]()
|
Noten, bronnen en referenties: - Midwolda. Vrouger, Ennemaborg. - De boerderijen in het Wold Oldambt (deel 1 en 2).
|
|
||||||||














