Nieuwolda en de buurtschappen

 

Het dorp Nieuwolda telt volgens opgave van het CBS in 2019 1370 inwoners. Vroeger heeft het dorp de naam Midwolderhamrik geheten en in het Gronings wordt het Nijwol, Nijwollle, ’t Golden Hammerk of ook wel ’t Hammerk genoemd. Tot 1990 is Nieuwolda een zelfstandige gemeente die in 2010 is opgegaan in de gemeente Oldambt, waarvan Winschoten nu de hoofdstad is. Zoals vermeld is de oorspronkelijke naam MIdwolderhamrik, ook wel kortweg Hamrik genoemd. De lokale bevolking noemt het dorp nog steeds ’t Hammerk.

 

Voorhuis van de boerderij 'De Bree' uit 1839. Datering volgens Stenvert (1998), datering in jaartalanker. Adres: Kerklaan 1. Datum: mei 1969. Auteur: A.J. van der Wal
Voorhuis van de boerderij 'De Bree' uit 1839. Datering volgens Stenvert (1998), datering in jaartalanker. Adres: Kerklaan 1. Datum: mei 1969. Auteur: A.J. van der Wal. Bron: Rijksdienst voor Cultureel Erfgoed. Licentie: Creative Commons Attribution-Share Alike 4.0 International.


 

Het dorp is in de 16e eeuw ontstaan op de voormalige oeverwallen van de Munter Ae. Men vermoedt dat het gebied nooit helemaal verlaten is geweest. Dit komt voornamelijk omdat de hoge erven van de boerderijen bij het klooster Menterwolde altijd voldoende bescherming hebben geboden bij de stormvloeden uit het verleden.

 

Voorhuis van de boerderij 'De Blinke' uit 1876. Adres: Hoofdweg Oost 1.
Voorhuis van de boerderij 'De Blinke' uit 1876. Adres: Hoofdweg Oost 1. Auteur: A.J. van der Wal. Bron: Rijksdienst voor Cultureel Erfgoed. Licentie: Creative Commons Attribution-Share Alike 4.0 International.

 

 

De eerste dijk is omstreeks 1542 aangelegd om tegen de stormen van de Dollard bescherming te bieden. Deze dijk volgt het traject langs de Munter Ae tussen Woldendorp en ’t Waar. Aan deze dijk ontstaat het dorp Nieuwolda. De oudste boerderijen hebben in het verlengde van de dijk gelegen.

 

Na de Allerheiligenvloed van 1573 wordt de dijk verder uitgebouwd tot een zeedijk. We weten dat Johan Rengers van ten Post het dorp ongeveer tien jaar later in 1582 een ‘vledder’ (moeras) noemt ‘in de uterdycken achter Wagenboregen in den Dullert gelegen’ en dat deze door de Oldambtsters succesvol is herbedijkt.

 

 

Renteniersvilla met aangebouwd koetshuis en tuin uit 1908. Datering in entree. Architect: W. Snater. Adres: Hoofdweg Oost 28. Foto: 10 januari 2016
Renteniersvilla met aangebouwd koetshuis en tuin uit 1908. Datering in entree. Architect: W. Snater. Adres: Hoofdweg Oost 28. Foto: 10 januari 2016. Auteur: Freek Pol. Bron: Bron: Rijksdienst voor Cultureel Erfgoed. Licentie: Creative Commons Attribution-Share Alike 4.0 International.

 

In 1589 raakt de dijk verzwakt door oorlogshandelingen. Daar waar de belangrijkste sluizen bij Nijezijl en Zwaagsterzijl liggen zijn rond 1580 verdedigingswerken gebouwd, zogenaamde schansen. Hier worden Spaanse troepen gelegerd. Deze Nijezijl is waarschijnlijk dezelfde als de Waghenborgerzijl die in 1580 wordt genoemd. Pas na de Reductie van 1594 worden de dijken weer hersteld en in de jaren 1626, 1666 en 1701 volgen inpolderingen. In de loop van de eeuwen wordt er steeds meer land op de Dollard teruggewonnen. Deze zeeklei is zeer vruchtbaar, waardoor het dorp in Groningerland ook bekend staat als ’t Golden Hamrik. Een andere theorie voor ’t Golden Hamrik is het gegeven van het bloeiende prachtige gele koolzaad in de polders, waardoor het wel goud lijkt. We zien de rijkdom nog heden ten dage terug in de mooie gebouwen die te zien zijn in Nieuwolda, dat doorsneden worden door het Termunterzijldiep gegraven in tussen 1600 en 1601.
Door het dorp loopt de Internationale Dollardroute voor fietsers. Langs Nieuwolda loopt de N362.

 

 

De kerk

 

Midwolda is in de Middeleeuwen het kerkelijk centrum van het Oldambt geweest, waar ook volksvergaderingen zijn gehouden. De Nieuwolders moeten ’s morgens te voet of per schuit naar de vier kilometer verderop gelegen kerk van Midwolda. ’s Middags gaan ze in hun eigen dorp naar de kerk. De dienst vindt dan plaats in een school. Maar de inwoners van Nieuwolda willen een eigen kerk, vooral als de Midwolders zich nogal wat eigen rechten en gelden toe-eigenen, die nodig voor de bouw van een nieuwe kerk. In 1667 zakt namelijk één van de torens van de basiliek in. Na de Sint Maartensvloed stort de kerk nog verder in en wordt dan gesloopt. De inwoners van Nieuwolda zijn het wachten zat en er gaan steeds meer stemmen op voor een eigen kerk.


De huidige kerk van Nieuwolda dateert stamt uit 1718, mede door een legaat van grootgrutter Timon Harmens van 3000 gulden. De toren in gebouwd in 1765. Op de torenspits zien we een zeemeermin dat verwijst naar het land dat op de zee is ‘veroverd’. De kerk bezit een bijzonder pijporgel, gemaakt door de Duitser Friedrich Wenthin in 1787.

 

 

 

De voormalige marechaussekanzerne van Nieuwolda.

De voormalige marechaussekanzerne van Nieuwolda.
Bron: W.J. Eelssema


 

Nieuwolda in de Groninger Archieven

 

De Groninger Archieven schrijven over het dorp o.a.:

 

In 1648 wordt Midwolderhamrik door afscheiding van het kerspel Midwolda een zelfstandige kerkelijke gemeente onder de naam Nieuwolda.

 

Deze gemeente omvat naast het dorp Nieuwolda ook het gehucht Oostwolderhamrik en gedeelten van de buurschappen de Dellen en het Waar. Het archief van het kerspel Nieuwolda wordt in 1947 door het Rijksarchief van het Gemeentebestuur van Nieuwolda verkregen.

 

Hoewel dit één van de weinige kerspelarchieven is, die de indruk geven compleet te zijn, blijkt uit de onder inventarisnummer 5 genoemde kwitantie, dat er toch enige archiefstukken verloren zijn gegaan.

 

Deze kwitantie van 1766 geeft namelijk een opgave van de bestanddelen van het archief in dat jaar. Uit de kwitantie blijkt ook dat bepaalde bestanddelen van het archief in de 'Carspel kiste' worden bewaard.

 

Zie voor een uitgebreide inleiding over de kerspelorganisatie de inventaris van het archief van het kerspel Aduard (toegangnummer 4). Deze inventaris is verschenen eerder in druk, in C. Tromp, De Groningse kerspelarchieven (Groningen 1982).

 

 

 

 

De voormalige marechausse van Nieuwolda

 

De brigade Nieuwolda is opgericht op 1 november 1894 en opgeheven op 1 maart 1943. De dienst is opnieuw uitgezet op 15 april 1948 en vervolgens opgeheven en gesloten op 1 oktober 1954. De kazarne heeft aan de Hoofdstraat gestaan, met daarachter de vrijgezellenafdeling en de stallen voor de paarden die later gebruikt zijn als brandweergarage. Op deze plaats staat tegenwoordig een nieuw gebouw dat in gebruik is geweest als pension. Dat gebouw heeft de naam 'de oude kazerne' gekregen. Deze is destijds geopend door oud brigadecommandat Aoo bd Vos.

 

 

 

De spoorlijn Zuidbroek - Delfzijl

 

Het stationsgebouw van Nieuwolda met links de spoortlijn.

Het stationsgebouw van Nieuwolda met links de spoortlijn. Bron foto: W,J. Eelssema

 

De spoorlijn Zuidbroek-Delfzijl met tevens een station in Nieuwolda heeft een lengte gehad van 12,915 km. Het station is gebouwd aan de Stationsweg (nu Wagenborgerweg). De personenvervoer heeft plaatsgevonden van 5 januari 1910 tot 1 december 1934. Het stationsgebouw is van het type NOLS 2e klasse en is aanbesteed met bestek NOLS-32. Na het beëindigen van de dienst Zuidbroek-Delfzijl is de onderste verdieping van het stationsgebouw gebruikt door G. Haak als pakhuis. Daarna is het geheel afgebroken. Het nevengebouw is aanbesteed met bestek NOLS-32 en is van het grote type zoals deze langs het gehele traject Zuidbroek-Delfzijl is gebouwd. Ook het nevengebouw is afgebroken.

 

 

 

 

Nieuwolda heeft bij de bouw een behoorlijk uitgebreid emplacement met meerdere goederensporen gekregen (zie afbeelding hierboven). Tijdens het bestaan van het station is weinig aan het emplacement veranderd.

 

Ter gelegenheid van de opening van de NOLS-lijn wordt door de dorpsbewoners een feestcommissie opgericht. Deze commissie bestaat uit Albert Waalkens, Doeko Derk Dijkstra, Siepko de Jonge (schoolhoofd), Berend Dallinga, Rinko Talsema (onderwijzer), Herman H.T. Bekenkamp (arts), Rienko Haan, Reinders Dijken, Hendrik Waalkens (burgemeester), Albert Waalkens en Onco Holtkamp.

 

Bij het station staat een stationskoffiehuis en hotel 'de Noordooster' van de familie J. Hommes. Rond 1920 neemt Jan Prenger (1881-1958) het gebouw over. Hij is de zoon van Tammo Prenger die in Wagenborgen een hotel met café heeft. Jan Prenger verbouwt het stationskoffiehuis tot hotel dat de naam 'Hotel Prenger' krijgt. Naast een hotel begint Jan Prenger in het gebouw ook ee garagebedrijf. Vanuit het hotel exploiteert hij voor de Tweede Wereldoorlog onder de naam 'Noord Ooster', een lijn- en toerbusmaatschappij met op het hoogtepunt busdiensten tussen Nieuwolda en Winschoten, Wagenborgen en Groningen en tussen Delfzijl en Zuidbroek. Dat is dus de lijn van de voormalige NOLS. Op 22 juni 1936 viert Jan Prenger samen met zijn vrouw Anna Wolthers het 25-jarige huwelijksfeest in het hotel.

 

Later krijgt het hotel-café de naam 'Union', Op 9 juni 1975 brandt het pand totaal af. De avond voor de brand is er een bruiloftsfeest in het hotel geweest en blijkbaar heeft er iets liggen smeulen dat uiteindelijk vlam vat. Ook het aangrenzende woonhuis gaat in rook op. De schade wordt geschat op; 1.5 ton in guldens.

 

Op het station hebben meerdere mensen gewerkt. In het Utrechts Archief bevinden zich meerdere details, maar ook in publicaties in kranten en boeken. Onderstaand zijn de personen ingedeeld naar de laatste functie die ze op het station te Nieuwolda hebben vervuld.

 

Functie van tot naam en aantekeningen
Eerste haltechef 30-12-1909 14-05-1920 P. van der Meche (Paulus), Voorheen halteschef van Exloo. Op 5 januari 1910 promotie tot eerste haltechef. Vertrekt naar Gasselte
Eerste haltechef 15-08-1920 31-12-1912 G. Blom (Gerrit). Voorheen assistent van de stationsdienst te Waardenburg. Hij komt als eerste haltechef naar Nieuwolda en vertrekt daarna naar Beesd.
Haltechef 16-06-1923 31-08-1931 M.A. Wijnstekers (Marinus Antonius). Voorheen is hij assistent van de stationdienst te Valkenburg. Daarna vertrekt hij naar Maartensdijk.
Haltechef 01-09-1931 31-05-1934 R. Snijder (Roelof). Roelof komt uit Schildwolde-Hellum en vertrekt al vrij snel naar Harkstede.
Arbeider, telegrafist 30-12-1909 04-07-1914 R. Hoeksema (Roelf). Hoeksema komt uit Haren en vertrekt later naar Groningen.
Arbeider, telegrafist 14-07-1914 27-05-1920 P. Giezen (Philippus). Voorheen is hij arbeider in Leeuwarden. Hij komt als arbeider en telegrafist naar Nieuwolda. Vervolgens vertrekt hij naar Gasselternijveen.
Arbeider, telegrafist 13-03-1921 13-08-1921 H. Thoma (Hilko). Hilko komt uit Kropswolde en vertrekt in hetzelfde jaar ook weer naar dezelfde plaats.

 

Het station Nieuwolda tijdens de bouw in 1909. De grond rond het stationsgebouw moet nog worden opgehoogd. De goederenloods staat op palen ruim boven de grond Links het stationsgebouw te Nieuwolda en rechts op de voorgrond het hotel Prenger. De foto betreft een ansichtkaart uitgegeven door H. v.d. Veen, Boekhandel te Nieuwolda. de kaart is afgestempeld in de jaren twintig van de vorige eeuw.
Het station Nieuwolda tijdens de bouw in 1909. De grond rond het stationsgebouw moet nog worden opgehoogd. De goederenloods staat op palen ruim boven de grond. De foto betref een ansichtkaart uit circa 1909. Bron: W.J. Eelssema. Links het stationsgebouw te Nieuwolda en rechts op de voorgrond het hotel Prenger. De foto betreft een ansichtkaart uitgegeven door H. v.d. Veen, Boekhandel te Nieuwolda. de kaart is afgestempeld in de jaren twintig van de vorige eeuw.

 

 

Museumgemaal

 

Het museumgemaal De Hoogte wordt door een historische Bronsmotor, vervaardigd in Appingedam door de voormalige Bronsmotorenfabriek, aangedreven.

 

 

 

Boerderij 'Riemen Reinkensheerd' uit 1717 (oudste delen). Datering: Stenvert, 14998. Adres: Hoofdweg West 21. Foto: juni 1968.
Boerderij 'Riemen Reinkensheerd' uit 1717 (oudste delen). Datering: Stenvert, 14998. Adres: Hoofdweg West 21. Foto: juni 1968. Auteur: A.J. van der Wal. Bron: Bron: Rijksdienst voor Cultureel Erfgoed. Licentie: Creative Commons Attribution-Share Alike 4.0 International.

 

 

Kinderwagenmuseum

 

Nieuwolda beschikt over een heus kinderwagenmuseum dat gevestigd is in een prachtige monumentale boerderij uit circa 1750 en een voorhuis uit 1905. De boerderij staat in het westeinde van het dorp.

 

Dwarshuisboerderij. Schuur uit circa 1750, voorhuis uit 1905. De datering staat in een gevelsteen. Foto: 12 mei 2016, Freek Pol.
Dwarshuisboerderij. Schuur uit circa 1750, voorhuis uit 1905. De datering staat in een gevelsteen. Foto: 12 mei 2016, Freek Pol. Bron: Bron: Rijksdienst voor Cultureel Erfgoed. Licentie: Creative Commons Attribution-Share Alike 4.0 International.

 

 

Halstermeer

 

Ten noordwesten van Nieuwolda en ten zuiden van Woldendorp ligt sinds 1980 het Hondshalstermeer. Ten noorden daarvan ligt het gehucht Kopaf. Ten zuidoosten van het meer ligt het dorp ’t Waar en ten westen het gehucht Stolderij.


Het gebied dat thans een meer is, is aangelegd in de voormalige polders Weerdijk en De Dellen. Het meer is 180ha groot en wordt beheerd door Staatsbosbeheer. Het is aangelegd langs de Hondshaltermaar als natuurreservaat in het kader van de ruilverkaveling. Daarbij komt het voordeel dat het fungeert als boezem. Om de golfslag te breken zijn in het zuiden van het meer drie eilandjes aangelegd.

 

Aanvankelijk zijn de waarden voor de natuur zeer voorspoedig verlopen, maar daarna is er vertraging opgetreden in de voedselrijkdom van het water en de sterke wisselingen van het waterpeil. Waterplanten en reitkragen verdwijnen en ook de vogelstand gaat achteruit. Staatsbosbeheer wil wel wat meer doen met het gebied, maar daarvoor ontbreken de geldmiddelen. Vanuit de voormalige gemeente Scheemda is zelfs het plan gelanceerd om het meer uit te breiden met 350ha water, zodat er meer mogelijkheden komen voor recreatie en natuur.

 

Rond 1999 heeft het gebied wat meer ruimte gekregen voor recreatie en mag men er nu kanovaren. Langs delen van de oever zijn buitendijks fietspaden aangelegd en aan de noordzijde ligt nu een bos. Bij Wagenborgen zijn bovendien zomerhuisjes geplaatst.

 

 

Nieuwolda-Oost.

 

Nieuwolda-Oost


Ten oosten van Nieuwolda ligt het buurtschap Nieuwolda-Oost. Eigenlijk heet het Nieuwolda-Oosteinde, waarmee de andere kant van Nieuwolda wordt aangeduid tegenover het Westeind in het westen. De buurtschap ligt echter op het voormalige grondgebied van Midwolda. Daar ligt ook een buurtje dat Oostwolderhamrik wordt genoemd en gesticht is vanuit Oostwold. Al deze gebieden behoren tot het ingepolderde deel van het Oldambt.

 

Aanvankelijk hebben in Nieuwolda-Oost alleen maar boerderijen gestaan. Rond 1900 is de huidige buurt met landarbeiderswoningen ontstaan. Het gebied waar de huizen staan ligt op een hoogte en heeft toebehoord aan het klooster Menterwolde ook wel Campus Sylvae genoemd. Daarom wordt het gebied ook wel De Kamp genoemd.


Volgens overleveringen zou de boerderij ‘Dijkvliet’ de plek zijn geweest waar ooit een kapel heeft gestaan. Bekend is wel dat hier rond 1650 een smederij is geweest. Ook heeft het buurtschap een school gehad, waarschijnlijk aan het eind van de 18e eeuw. Het maakt dan deel uit van de kosterijgoederen van de Hervormde Kerk. Later is het een openbare school geworden. Het tegenwoordig nog aanwezige gebouw heeft tot 1939 als school gefungeerd.

 

Transformatorhuisje

 

De buurtschap beschikt over een transformatorhuisje uit 1925 dat is erkend als een rijksmonument.

 

Oostwolderhamrik.

 

Oostwolderhamrik

 

Oostwolderhamrik ligt net ten oosten van het buurtschap Nieuwolda-Oost aan de weg tussen Nieuwolda en Woldendorp. Het ligt precies op de driesprong naar Oostwold. Het woord ‘hamrik’ verwijst naar het buitengebied van Oostwold. Vlakbij ligt een van de oudste dijken die na het ontstaan van de Dollard zijn aangelegd om het verdronken land te herwinnen.


Oostwolderhamrik is in de 17e en 18e eeuw een zelfstandig kerspel geweest dan in die periode onder het dorp Oostwold valt en dus niet onder Nieuwolda. Mogelijk zijn de eerste bewoners eerst in Midwolda naar de kerk gegaan en later naar Nieuwolda. Het is in het jaar 1808 als de buurtschap aan de gemeente Nieuwolda wordt toegevoegd.

 

 

 

Corenswold

 

Ten noordoosten van Oostwolderhamrik heeft zeer waarschijnlijk Corenswold gelegen, dat ook wel Kornswoldt of Corenswoldt is genoemd. Dit buurtschap wordt namelijk genoemd in de jaren 1554, 1599 en 1630. Mogelijk is dit een middeleeuwse veenontginnings nederzetting geweest die ten onder is gegaan bij overstromingen van de Dollard.

 

Het vermoeden bestaat dat Corenswold nauw samenhangt met de ook verdwenen nederzetting Menterwolde. Vroeger heeft ten noorden van Oostwolderhamrik een gebied geleden met opstrekkende percelen. Deze zijn teruggevonden bij een ruilverkaveling waarbij ook enkele minder hoge wierden zijn verdwenen. Een van die wierden is de Brorss Bult, de Broedersbult, die eens verbonden is geweest met het kloosterbezit van Termunten. Cornswold is geen zelfstandig kerkdorp geweest. Men vermoed dat de bewoners na een overstroming zijn uitgeweken naar De Heemen, dat nu een buurschap is aan de weg van Woldendorp naar Scheveklap, even ten zuiden van het Termunterzijldiep. Het bestaat tegenwoordig uit boerderijen die gelegen zijn op huiswierden. Een daarvan heet nog ‘De Heemen’.

 

De Heemen komt voor het eerst voor in een document uit 1582 en wordt dan ‘Hoegeheminghe’ genoemd. Door de hoge ligging hebben hier mogelijk al in de Middeleeuwen mensen gewoond.

 

 

Hotel-Café Prenger.
Hotel-Café Prenger. Eind jaren zestig van de vorige eeuw is schrijver dezes voor het eerst en voor het laatst binnen geweest. In 1975 brandt het complex af en wordt niet meer opgebouwd. Samen met J.W. Eelssema hebben we daar in een klein zaaltje en een nog kleiner toneel een voorstelling bezocht van De Rederijkers van Nieuwolda. Ik herinner me dat nog goed. Het toneel was ontzettend klein en de regiseur heeft de keukentafel frontraal vóóraan het toneel geplaatst, waardoor veel scenes slecht waren te zien. Eelssema ontdekt veel meer fouten in het spel. Hij is immers zelf regisseur geweest van o.a. een toneelvereniging in Nieuwolda. De harde stoelen maken het voor ons een lange zit. De Rederijkers zullen dan ook niet tevreden zijn geweest met de recensie van Eelssema in de krant. Bron foto: J.W. Eelssema

 

 

 

Lijst van burgemeesters van de gemeente Nieuwolda

 

Naam Van Tot
Hendrik Waalkens 1881 1920
Frederik Tjabrings 1921 1931
Rudolf Albert Cleveringa 1931 1935
Gerhard Hendrikus Post Cleveringa 1935 1959
Tale Evenhuis 1935 1953
Willem Krikken 1953 1959
Lubertus Pit 1959 1983

 

 

 

Bekende personen afkomstig uit Nieuwolda

 

Berend Kunst 1794-1881 Kunstschilder, reisde door heel Nederland
Derk Dijkstra 1828-1906 Burgemeester van Noordbroek in 1828 Zoon van landgebruiker Doeke Derks Dijkstra en Woltje Hindriks Eppens
Nicolaas Westendorp Boerma 1872-1951 Predikant en hoogleraar. Is hoogleraar geworden in de wijsbegeerte van de godsdienst aan de Universiteit van Amsterdam.
Evert Wytema 1878-1933 Militair (kapitein) en docent aan de Handelsschool.
Wiert Jacob Eelssema 1902-1970 Schrijver en journalist. Heeft 7 pseudoniemen. Schrijft detectives, novelles en romans en jongensboeken. Schrijft meer dan 50 toneelstukken, merendeels in het Gronings. Publiceert in diverse dagbladen. Over hem schrijft Harm Hillinga in 2016 een biografie.
Jan Snater 1878-1955 Burgemeester. Zoon van timmerman-aannemer en oud-wethouder van Nieuwolda. Wordt gemeentesecretaris en gemeenteontvanger te Nieuwolda. In 1918 wordt hij burgemeester van Oude Pekela., Later inspecteur van de Centrale Raiffeisenbank.
Harm van der Veen 1935-heden Schrijver en historicus. Docent, lid van de Provinciale Staten, voorzitter van het Veenkoloniaal Museum. Koninklijke Onderscheiding in 2000.
Jan Mulder 1945-heden De ex-voetballer, columnist, schrijver, acteur en televisiepersoonlijkheid Jan Mulder heeft zich gevestigd op een herenboerderij in Nieuwolda-Oost die aan zijn schoonouders heeft toebehoord en waarvan de schuur jarenlang heeft gediend als stalling voor de regionale streekbusbedrijven Roland en Gado.

 

 

 

Het wapen van Nieuwolda.

Het wapen van Nieuwolda

 

In zilver is het een krijgsman uit de eerste helft van de 17e eeuw, naar rechterzijde van het schild gekeerd, met een sloof zaadkorrels om zijn middel, gaande in zaaiende houding op geploegd land, waarop zaadkorrels liggen.

 

Het geheel heeft natuurlijke kleuren. Het schild is gedekt met een gouden kroon van drie bladeren en twee parels. De wapenspreuk luidt: 'Miles Domines Indefessus'.

 

Het gaat hier in feite om het oude kerspelwapen van Nieuwolda die wellicht een Bijbelse oorsprong heeft.

 

Transcriptie van de spreuk:

De onvermoeibare Strijder des Heren.

 

Het wapen is door de gemeente aangevraagd, nadat deze een eigen gemeentehuis heeft betrokken in maart 1930.

 

 

 

 

 

Monumenten in Nieuwolda:

Nieuwolda telt 13 Rijksmonumenten.

 

 

 

 

Gerelateerde artikelen:
Onderstaandeartikelen openen in een nieuw tabblad.


De kerk van Nieuwolda

De eerste kentekens in Nieuwolda na 1905
Oude Groninger kentekens. Voor achtergrondinformatie.
Museumgemaal De Hoogte

Geschiedenis van Nieuwolda en de buurtschappen (het artikel dat je nu leest)
Het klooster Menterwolde
Lucas Verwer & Zonen Machinerieën

 

 

 

 

Bronnen:


* ‘Het schrickelijcke Oordeel Godts door de Watervloedt’, Henricus Schenckel
* De Oldambtster kerken, Jan P. Koers
* Tijdschrift De Orgelvriend
* ‘De Dollard, Geschied-Aardrijks-en Natuurkundige beschrijving van dezen boezem der Eems’, G.A. Stratingh, Groningen 1855
Honderd jaar landbouwvereniging Nieuwolda-Nieuw Scheemda, R. Georgius
* RHC GA – Groninger Archieven

 

 

 


Deze pagina maakt deel uit van www.nazatendevries.nl.
Aan bovenstaande tekst is de uiterste zorgvuldigheid besteed. Desondanks kunnen er best fouten voorkomen.
Constateer je fouten en/of heb je vragen, correcties, aanvullingen...geef die dan even aan mij door via mijn E-mail adres.
Laat ook eens een bericht achter in het Gastenboek.
Hoogeveen, 15 juni 2020.
Samenstelling: © Harm Hillinga
.
Menu Artikelen.
Terug naar de HomePage.
Top