Allard Lambertus Oosterhuis (Delfzijl, 19 februari 1902 – Killiney (Ierland), 1 januari 1967) is een Nederlandse verzetsstrijder tijdens de Tweede Wereldoorlog. Hij is de zoon van Gerrit Oosterhuis (1868-1922) en Eiske Oosterhuis-van Zalen (1864-1938). Hij gaat in 1922 in Amsterdam geneeskunde studeren en vestigt zich na zijn studie als huisarts in Delfzijl. Hij trouwt met Stientje Mensinga uit Appingedam en krijgt drie dochters.


Monument voor de verzetsgroep 't Zwaantje te Delfzijl.

Verzetsstrijder Allard Oosterhuis


Hij is de leider van verzetsgroep 't Zwaantje uit Delfzijl. De naam 't Zwaantje komt van café 'De Witte Zwaan' waar Allard Oosterhuis regelmatig komt. De naam Zwaantje gebruikt hij ook veelvuldig als codenaam in de illegale documentatie die hij verstuurt. Dankzij zijn werk als reder, met zijn schepen de 'Cascade' en de 'Libelle', kan hij voor zijn verzetsactiviteiten een smokkellijn opzetten tussen de haven van Delfzijl en het Zweedse Stockholm, waartoe hij onder andere samenwerkt met de fabrikant D. Boerema en de coaster-kapitein Harry Roossien. Deze lijn wordt ook wel 'De Zweedse Weg' genoemd. Op deze wijze verlaten mensen en spionagemateriaal het bezette Nederland en worden radiozenders, persoonsbewijzen, foto's van de koningin en geld voor het verzet aan boord van schepen het land binnengesmokkeld.


Het lukt 't Zwaantje om in totaal achtendertig zendingen naar Stockholm te sturen.

In de loop van 1942 legt de Nederlandse consul-generaal in Stockholm, A.M. de Jong, contact met Oosterhuis om ook spionage-gegevens het land uit te smokkelen. Uiteraard kunnen die gegevens zelden actueel zijn, maar alles is beter dan niets. Het grote voordeel is dat er via Stockholm contact mogelijk is van weerskanten.

 

Hij treedt in contact met de verzetsgroep 't Zwaantje, geleid door dokter Allard Oosterhuis, huisarts in Delfzijl en tevens reder. Een in Groningen niet zo vreemde combinatie: zoons van herenboeren krijgen vaak een schip wanneer hun oudste broer de boerderij en het land overneemt; het is hun erfdeel. Dokter Oosterhuis heeft twee coasters varen. Met een van die schepen stuurt hij Jacques de Vries naar Zweden. De mannen hebben elkaar tijdens de mobilisatie in 1939 leren kennen aan het biljart in hotel De Witte Zwaan in Leiden. Voor de verzetsgroep die ze in 1941 oprichten kiezen ze daarom de schuilnaam 't Zwaantje. De Vries heeft een Joodse vader, een tweede reden om hem met een vervalst monsterboekje en verstopt in de voorpiek van de kustvaarder naar Zweden te smokkelen. In Stockholm legt De Vries contact met de Engelsen, krijgt een baantje op de Britse ambassade en kan vandaar alle berichten en verzoeken van de verzetsgroep 't Zwaantje snel en veilig naar Londen doorzenden.

 

Consul Adriaan Mattheus de Jong

 

Zo moet het, denkt Adriaan Mattheus de Jong, die op de hoogte is van de gehele operatie. De consul onderhoudt sowieso al nauwe banden met de Britse geheime dienst en heeft een Nederlandse koopvaardijkapitein, E.H. Schuur, in dienst genomen om contact te onderhouden met alle Nederlandse kustvaarders die Zweedse havens aandoend. De door Schuur verzamelde informatie geeft hij door aan de Secret Intelligence Service (SIS).

 

De Jong vindt het onmiskenbaar spannend en geniet van het hele of halve spionagewerk. Ook qua uiterlijk heeft hij iets van een geheim agent, met zijn gesoigneerde David Nivensnor en zijn beminnelijke glimlach die nooit iets prijsgeeft over zijn ware bedoelingen. Maar wat vooral aan hem opvalt is zijn snelheid van handelen. Nog geen maand na de komst van De Vries komen vrijwel alle berichten en verzoeken van het verzet via de Zweedse weg binnen. Omgekeerd gaan radiozenders en ander spionagemateriaal met de schepen mee naar Nederland.

 

Gedurende de eerste zes maanden van 1943 kan 't Zwaantje stelselmatig vijf personen per reis naar Zweden overbrengen, meestal aan boord van de Corona, een van de kustvaarders van dokter Oosterhuis, waarover kapitein Harry Roossien het gezag voert. Jonge verzetslieden, die vanuit Stockholm naar Engeland zullen worden overgebracht voor een militaire training, zodat ze goed geïnstrueerd en met de modernste zendapparatuur boven Nederland kunnen worden gedropt. En koeriers die een schat aan informatie meenemen over de toestand in bezet gebied.

 

Terug naar Nederland gaat aan boord van de Corona geld mee voor het verzet en soms een koerier die over zee naar het vaderland terugkeert. Het is een geoliede organisatie die veel beter loopt dan de opvang en de begeleiding van de Engelandvaarders. De jongemannen die uit Nederland hebben weten te ontsnappen moeten tien, twaalf of veertien maanden in Zweedse werkkampen wachten - en houthakken - tot ze uiteindelijk naar Engeland kunnen worden overgebracht om zich bij de geallieerde strijdkrachten aan te sluiten.

 

Het verraad van kapitein F.J.M. Aben

 

Het gaat mis met de Zweedse weg als kapitein F J.M. Aben zich in Stockholm meldt. Hij is het beu lijdzaam toe te zien. Met zijn schip Excelsior zal hij hetzelfde kunnen doen als Roossien met het zijne: actief deelnemen, mensen overzetten. Niets is hem te veel. Natuurlijk wildhij wel een vergoeding. En als de mensen die hij aan boord neemt echt bijzonder waardevol zijn voor het verzet, wil hij een soort gevarengeld. In eerste instantie houdt consul De Jong de boot af. Hij verzamelt inlichtingen over Aben en vraagt naar het oordeel van de Britse geheime dienst. Die staat niet geheel afwijzend tegenover de Groningse kapitein maar adviseert wel Aben onkundig te laten over alle ins en outs van de Zweedse weg.

 

Alarmerender is echter het oordeel van dokter Oosterhuis in Delfzijl. Die laat de consul via een koerier weten dat Jos Aben een tijdlang nsb'er is geweest.

Aben blijft echter aandringen. Dan neemt De Jong een groot risico. Hij gaat met Aben in zee, brengt hem in contact met dokter Oosterhuis en laat hem een van de leiders van de Nederlandse inlichtingendienst, ir. W.L.Ch. Lindenburg, naar Stockholm overvaren, a raison van tweeduizend gulden. Aben is helaas een V-Mann, een Vertrauensmann, een betaalde verklikker in dienst van de Sicherheitsdienst. Hij bezorgt de SD informatie over de mensen die hij naar Zweden brengt. De bonussen die hij van de SD ontvangt, zijn een veelvoud van zijn reguliere salaris. Om zijn verraderlijke rol te camoufleren brengt hij regelmatig illegale werkers over, met als gevolg dat menigeen denkt dat hij het verzet steunt. Maar het tegendeel is waar; hij levert ze regelrecht uit aan de bezetter.

 

Een radiozender voor Oosterhuis

 

Het lukt Oosterhuis rechtstreeks van de Engelse Secret Intelligence Service (SIS) een radiozender te krijgen (overigens duurt het vele maanden voordat die verbinding echt werkt). Daarmee is hij de vernieuwde Ordedienst (OD), onder leiding van jhr. Pieter Jacob Six, voor. Die moet nu via Oosterhuis zijn zender contact met Londen zien te leggen. Enkele andere spionagegroepen, waaronder die van Kees Dutilh weten eveneens via Oosterhuis berichten naar Londen te verzenden.

 

Begin juli 1943 komt Oosterhuis in contact met de agent Garrelt van Borssum Buisman. Van Borssum Buisman is de organisator en de leider van de Zendgroep Barbara. Van Borssum Buisman is door het Bureau Inlichtingen (BI) in Londen boven bezet Nederland geparachuteerd. Hij heeft van de Nederlandse regering in Londen opdracht gekregen om de contacten met de Ordedienst, die in de loop der tijd zijn verwaterd, aan te halen en te verbeteren. Oosterhuis brengt Van Borssum Buisman in contact met jhr. Pieter Jacob Six, de chef staf van de Ordedienst. Als Van Borssum Buisman door Six op zijn betrouwbaarheid is gescreend worden door Six twee medewerkers van de staf van de OD aangewezen om samen te werken met de telegrafisten van de Zendgroep Barbara. Deze medewerkers zijn: Chris Tonnet en Gerben Sonderman.

 

De samenwerking zal in de praktijk bestaan uit het aanleveren van militaire en economische inlichtingen. Deze inlichtingen worden gecodeerd en door de telegrafisten naar het BI en de Nederlandse regering in Londen doorgeseind. Dankzij de inspanningen en ondersteuning van Oosterhuis en Tonnet komt de zendgroep in korte tijd van de grond. Ook de verzetsgroep van Oosterhuis krijgt via een telegrafist van de Zendgroep Barbara een vast radiocontact met het BI en de Nederlandse regering in Londen.

 

De Bronzen Leeuw.

 

Het verraad

 

De start van de Zendgroep Barbara leidt tot de hernieuwde opbouw van de in het slop geraakte inlichtingendienst van de OD. Op 21 juli 1943 rolt de Sicherheitsdienst (SD) de verzetsgroep na verraad op. Het verraad komt tot stand doordat de V-mann Anton van der Waals binnen de verzetsgroep van Oosterhuis via kapitein Aden is geïnfiltreerd.

Ondanks een collectief doodvonnis op 23 juni 1944 weten de meeste leden van de verzetsgroep de oorlog in Duitse gevangenschap te overleven. Ze worden in het voorjaar van 1945 in Duitsland bevrijd. In 1953 ontvangt Oosterhuis de Bronzen Leeuw voor getoonde moed en beleidvol optreden tegen de bezetter tijdens de Tweede Wereldoorlog.

 

Na de oorlog


Na de oorlog geeft Oosterhuis om gezondheidsredenen het beroep van huisarts op en legt zich geheel toe op de rederij met zijn schip "MS Stientje Mensinga", een verbouwd landingsvoertuig uit 1943. In 1961 strandt het schip tijdens een zware storm op de Ierse kust bij Erritshead. Op 2 november 1956 vestigt hij zich voorgoed in Ierland. Na zijn overlijden komt zijn vrouw weer naar Nederland. Zij overlijdt in Bergen (Noord-Holland). Beiden worden in Delfzijl begraven. In 1970 wordt ter nagedachtenis aan de verzetsgroep het verzetsmonument 't Zwaantje in Delfzijl onthuld.

 

 

 

 

Gerelateerd:

De verrader Anton van der Waals
Geschiedenis van Delfzijl

 

 

 

 

Noten, bronnen en referenties:

1. De verzetsgroep Zwaantje; oorlogsbelevenissen van dr. Allard Oosterhuis. Verteld door J. Klatter, uitgeverij N.V. Het Parool, Amsterdam 1968.

2. Verzetsgroep Zwaantje door Wil Vening. Uitgeverij: Profiel, mei 2003 ISBN 90-5294-278-1.

3. Artikel over oorlogsmonumenten op: https://www.4en5mei.nl/herdenken-en-vieren/oorlogsmonumenten.



 

Deze pagina maakt deel uit van www.nazatendevries.nl.
Aan bovenstaande tekst is de uiterste zorgvuldigheid besteed. Desondanks kunnen er best fouten voorkomen.
Constateer je fouten en/of heb je vragen, correcties, aanvullingen...geef die dan aan mij door via mijn E-mail adres.
Laat ook eens een bericht achter in het Gastenboek.
Hoogeveen, 8 september 2017
Update: 12 juli 2020
Samenstelling: © Harm Hillinga
.
Menu Artikelen.
Terug naar de HomePage.
Top