27 april 1944, cel 607:


“We maken het best in de cel. We zitten wat spelletjes te doen, lezen, eten en slapen. We hebben ook nog wel pret hoor. Vanmorgen waschdag gehad. Onderkleeren hangen te drogen. (…)
’t Is buiten prachtig weer. ’t Is nu zeker de tijd dat koolzaad in bloei komt. Ik heb bepaald heimwee naar de natuur zoo af en toe. (…) Staat het gewas goed? Hoe gaat het met de paarden en ander vee?”

 

Dit schrijft Thies Jan Jansen op 27 april 1944, 76 jaar geleden vanuit de ‘Dodencel’ in het Oranjehotel in Scheveningen. Jansen is een Groningse verzetsman uit Weiwerd, een inmiddels vrijwel verdwenen dorp vlakbij Delfzijl. Hij woont in die tijd op nr. D125.

 

Zijn verzetswerk
Jansen is een gereformeerde boer en vader van drie kinderen. Zijn volledige naam luidt Thies Jan Jansen, geboren 9 juni 1906 te Weiwerd, zoon van Jan Jansen, landbouwer, en Alida Diewerdina Ritzeman [1]. Hij is gehuwd met Imke Groendijk, geboren 27 juni 1912 te Loppersum [2], dochter van Fokko Groendijk en Hillegonda Nienhuis, landbouwster, op 16 mei 1934 te Loppersum. Haar vader is bij het huwelijk van zijn dochter al overleden [3].

 

Al snel na de Duitse inval wordt hij actief in het Groningse verzet onder de schuilnaam ‘Fokko’. Jansen raakt betrokken bij de verspreiding van het illegale blad Vrij Nederland en als lid van de OD (Ordedienst) organiseert hij koeriersverbindigen tussen Groningen en het algemeen hoofdkwartier in Amsterdam. Ook is hij betrokken geweest bij het onderbrengen van onderduikers op het Groningse platteland en verzamelt hij informatie over militaire objecten voor de spionagegroep Zwaantje.

 

Jansen wordt opgepakt in Amsterdam
Helaas krijgt de Sicherheitdienst (SD) hem in het vizier en hij vlucht naar Amsterdam. Hij wordt verraden en op 9 december 1942 aangehouden in Amsterdam en gevangengezet in het beruchte Oranjehotel en later ook in kamp Vught. Ondanks deze ontberingen blijft Jansen zijn vrouw, kinderen en familie positief gestemde brieven schrijven. Tientallen brieven schrijft hij gedurende ruim twee jaar van gevangenschap. Een deel van de brieven wordt clandestien verstuurd – om censuur te ontwijken.
Hij wordt veroordeeld tot de doodstraf wegens hulp aan de vijand, wapenbezit, vervalsing van geschriften en het verspreiden van Duits-vijandige pamfletten.


Brieven van Thies Jansen geschreven in de gevangenis.

Brieven van Thies Jansen geschreven in de gevangenis.

 

In Einzelhaft

Vanaf dat moment zit hij in ‘Einzelhaft’ (eenzame opsluiting). Hier bloeit een vriendschap op met de gevangene in de cel ernaast, de katholieke Gerard Cloïn. Samen communiceren ze via een gaatje in de muur. Ze praten, bidden en grappen samen. Blijven positief en hoopvol ondanks hun eenzame opsluiting en het slechte eten.


Op 11 mei 1944 wordt Jansen ’s ochtends vroeg uit zijn cel gehaald [4], evenals zijn verzetsvriend Henk Hos die ook een terdoodveroordeelde is. Ze mogen nog afscheidsbrieven schrijven naar huis.


Daarna worden ze naar de duinen van de Waalsdorpervlakte gebracht en worden daar – hand in hand – gefusilleerd door de Duitsers. Jansen bereikt de leeftijd van slechts 37 jaar.

 

Gedenksteen

Vandaag de dag herinnert een gedenksteen in zijn laatste woonplaats aan het moedige verzetswerk van Thies Jan Jansen en ook is er een straat naar hem vernoemd op de plek waar de laatste restanten van het vrijwel verdwenen dorp Weiwerd te zien zijn. In de tentoonstelling ‘En tóch staat de Martini’ in het Groninger Museum wordt ook het verhaal van Jansen verteld.


Jansen heeft door brieven te schrijven contact met zijn familie. In het Oranjehotel gebruikt Jansen een mesje, dat hij zelf heeft gemaakt en bezit hij een klein kunststof doosje waarop hij verschillende zinnen kerft zoals: ‘Houd moed’ en ‘Veilig in Jezus armen’. Ook turft hij aan de binnenkant van het doosje de dagen in gevangenschap om besef van tijd te behouden. Tientallen brieven en verschillende voorwerpen van Jansen zijn door zijn zoon geschonken aan het Oorlogs- en Verzetscentrum Groningen (OVCG). De brievencollectie is in zijn geheel gedigitaliseerd en in te zien op verzoek bij OVCG.

 

Brieven van Thies Jansen geschreven in de gevangenis.

Brieven van Thies Jansen geschreven in de gevangenis.

 

 

Noten:

1. Geboorteregister Delfijl, 1906, Aktedatum: 09-06-1906, aktenr. 126.
2. Geboorteregister Loppersum 1912, Aktedatum: 17-06-1912, aktenr. 32.
3. Huwelijksregister Loppersum 1934, Aktedatum: 16-05-1934, aktenr. 15.

4. Zijn overlijdensakte is opgemaakt te 's-Gravenhage. Daarin staat aangegeven dat hij op 11 mei 1944 om 7.33 uur elders is overleden. Overlijdensrgister 's-Gravenhage 1944, archiefnr. 2109, aktenr. 63. Gemeente Delfzijl, 1944.


Bronnen:
- Collectiegroningen.nl
- Citaat brief: Groninger Archieven/OVCG (2220_359)
- RHC GA Groninger Archieven

 

Foto’s en info:

- collectie OVCG, toegang 2183, systeemkaart Thies Jan Jansen.
- Licentie: CC-BY-SA, Creativecommons.org

 

Deze pagina maakt deel uit van www.nazatendevries.nl. Aan bovenstaande tekst is de uiterste zorgvuldigheid besteed. Desondanks kunnen er best fouten voorkomen. Constateer je fouten en/of heb je vragen, correcties, aanvullingen......... geef die dan even aan mij door via mijn E-mail adres (zie rode balk boven). Wij hebben ons uiterste best gedaan om de auteurs van teksten/citaten en copyrightbepalingen van afbeeldingen te achterhalen. Mocht je rechthebbende zijn en hierover vragen of opmerkingen hebben, neem dan contact op via e-mail. Lees ook de 'Disclaimer' en 'Privacy' voor méér informatie en laat ook eens een bericht achter in het Gastenboek, dan weet ik waarvoor ik het doe.
Hoogeveen, 11 juni 2020.
Revisie: 16 juli 2024.
Samenstelling: © Harm Hillinga.
Menu Artikelen.
Terug naar de HomePage.
Top